maandag 4 mei 2009

vroeger was de wereld toch anders


Ik ben er bijna twee maanden tussenuit geweest, maar what in the hell happened to this world in the mean time?!?

Pandemie met Mexicaanse griep, een ontslagen beveiligingsbeambte die ff snel een paar mensen doodrijdt op wat een nationale feestdag had moeten zijn, een chirurg met een medisch strafblad mag gewoon doorgaan met snijden, een kip met liefdesverdriet doet een zelfmoordpoging. Als je kind zelfstandig in zijn bedje kruipt, halen we de politie erbij. Waar moet dat heen met de wereld.

Het zijn niet alleen de dingen die gebeuren. Ook de gadgets die we hebben. Was voorheen een eierwekker toch een ideale uitvinding, tegenwoordig kunnen we hem tussen alle andere gadgets niet meer vinden. Dus pakken we gewoon de online eierwekker.

En wat te denken van de gezondheidszorg?
We nemen een fijn kopje batterijen-thee ter voorkoming van onze zelfmoordneigingen. Ons kind met eczeem zetten we tegenwoordig in een bad met bleekwater.

De wereld is gek, of ben ik het?

Ik zeg een abonnement op in juli, terwijl dat pas hoeft in november. Dan, in maart (terwijl ik midden in crematie-regelen zit) meldt het bedrag dat ze de vordering van nu 450 euro hebben overgedragen aan een deurwaarder.
Oink?
Het was een abonnement van 20,95 per maand. Ik weet zeker dat het tot en met oktober is betaald, daarna regelde een kantoor mijn betalingen… Nu beweren ze dat ik niet heb opgezegd. Dus ik laat ze met mijn kantoor contact opnemen; die betaal ik er immers voor om zaken voor me te regelen. En na overleg stuur ik een brief (naar aanleiding van het gesprek dat jullie hebben gehad, bevestiging van de opzegging vorig jaar juli per einde contract december 2008.

En wat denk je? Zeggen ze niet te hebben ontvangen. Het is een abonnement voor iets groeperigs, en ik ben al die tijd niet geweest omdat ik had opgezegd. Twee keer zelfs!!

Ik spreek met een baas af dat een taak die ik uitvoer (250 euro per maand) tijdelijk onderbroken wordt voor de maanden maart, april en mei. Met een terugkeergarantie op 1 juni.
Nu keer ik vandaag terug en hoor dat ik niet terugkeer omdat ik niet nodig ben in die taak. Komen ze nu mee! Had ik het geweten dan had ik de onderhandelingen die het kantoor voor me doet op basis van andere grondslagen laten doen.

En een adviseur die me vorig jaar naar dat kantoor toestuurde meldt mij nu dat ik voor hulpverlening vanuit de werkgever eigenlijk bij het verkeerde bureau zit. Of ik dat ff midden in de onderhandelingen wil wisselen.

Ik geef het maar tijdelijk op, snappen zal ik het niet. Zal ik wel blonT zijn of beginnend dement…

dinsdag 28 april 2009

@Home

We zijn thuis en zouden gaan uitrusten. Maar waar was ook al weer het hondenvoer? En die leuke schelplamp, die zat in de doos waar ook dat kleedje in zat… En die klok en die…

En zo zoeken we uiteindelijk toch weer wat in het rond. Onze schatten van verhuizers hebben een groot deel van de dozen niet gestapeld, een ander deel staat in de berging. Daarnaast was het al wat chaos op onze zolder omdat we zelf aan het uitruimen waren.

Het zal nog dagen duren als het niet om weken gaat, voordat we alles een beetje op orde hebben. Morgen zetten we de kledingkast maar in elkaar, dan kan in ieder geval het textiel uit de doos en in de kast. Misschien kan dan ook een deel van het keukenspul even in die kast, zodat er weer wat overzicht komt.

Het huis lijkt vreemd en toch vertrouwd. Even flink schuffelen en zien dat we van de twee huishoudens weer één geheel kunnen maken..

zondag 26 april 2009

Wrap up

We hebben veel spullen gewoon maar ingepakt en naar huis laten brengen. Ons huis zal nu wel een zooi zijn, maar dat zien we dan dinsdag wel.

Morgen nog even de handtekening halen op de vervoersmachtiging, wat chemische zooi naar de milieustraat brengen, een huisarts in de buurt regelen en dan zou het goed moeten zijn.

Zoals het nu lijkt gaat het laatste deel (matras, keukenspul en boeken) dinsdag naar huis. De woning is dan bezemschoon, de tuin opgeruimd, het vuil allemaal weg en de meterstanden doorgegeven.

We merken nu dat we echt helemaal op zijn. Vroeg in de avond, en dan heb ik het over 6 of 7 uur al, begint het gapen en als je even niet oplet, dan slapen we al voor 11 uur. We luisteren nu ook beter naar ons lichaam en gaan dat de komende week volhouden. Volgende week mag ik weer aan het werk en kan ik uitrusten haha.

Nog even volhouden en dan zijn we thuis. De laatste loodjes…

woensdag 22 april 2009

Mooi weer

Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis
Definieer mooi weer. Een stralende zon aan een strak blauwe hemel, temperatuur boven de 30 graden, terrasjes, vogeltjes, bijtjes, associaties met tropische eilanden, palmbomen, hangmatten en cocktails in kokosnoten met rietjes en parasolletjes. Voor velen zal dat ongeveer de definitie zijn. Wat mij betreft zou je een strak blauwe lucht met een temperatuur boven de 30 alleen normaal moeten vinden als je een toeareg bent, of inderdaad vrijwillig in Polynesië verblijft.

Als de temperatuur boven de 25 komt begin ik aan alle kanten te lekken. Ook als ik niets doe. Zweten betekent, vooral sinds ik kalend ben, dat het zweet me in de ogen loopt en m’n bril me van m’n neus af drijft. Dat je minder kleren aan kunt doen, zie ik niet echt als voordeel. Zowat ieder kledingstuk dat ik normaal aan heb, heeft zakken. Dat is expres. In de meeste zakken zitten attributen die ik om de een of andere reden altijd bij me wil, of moet, hebben. Minder kleren betekend minder zakken, betekend dat ik spullen moet weglaten of overplaatsen. Geen van beide een acceptabele optie. Eigenlijk, als ik moet kiezen tussen een dag met een temperatuur van een 15 / 20 graden en een dag met 25+, andere omstandigheden hetzelfde, geef ik de voorkeur aan de eerste optie. Hitte is niets voor deze kaaskop. Net zoals kaas begin ik dan te zweten en te stinken.

De voorkeur voor minder heet weer heeft ook te maken met m’n standaard dagbesteding. Als ik niet op het werk ben, zit ik thuis een boekje te lezen, naar de tv te kijken of ben met m’n computers aan het spelen. Zonder ingrijpende wijziging zou ik alleen dat eerste op m’n balkon kunnen doen. Stoeltje op het balkon, tafeltje erbij voor drinken en eventuele snoeperij, luidsprekers voor de muziek en 6 vierkante meter horregaas om te zorgen dat de geleedpotigen van mij, m’n snoepgoed en m’n drinken af blijven. Definieer niet ingrijpend. De glasplaten om te zorgen dat de wind de bladzijden niet om gaat slaan, zouden ergens ook wel handig zijn, maar dan kan ik echt beter gewoon in m’n stoel in de kamer blijven zitten. Ergens een fijn plan, doe ik.

Eigenlijk heb ik geen idee wat andere mensen met mooi weer doen. In de tuin of op het balkon zitten, amechtig hijgend aan de airco hangen, of door de stad flaneren zijn een aantal dingen die ik zo voor de vuist weg kan verzinnen. Het flaneren ben ik verleerd sinds ik lopend forens. Ik loop behoorlijk door. Bij warm weer is het resultaat voorspelbaar. Collega’s willen me ook nog wel eens verwonderd aankijken als ik compleet doorweekt aankom. Ze willen eigenlijk niet geloven dat je zo nat kunt worden van het lopen. Als ik bij uitzondering met andere mensen ergens loop, moet ik constant aan m’n tempo denken. Zo niet, dan hoor ik op een gegeven moment iemand amechtig naast me hijgen, of dat ik alleen loop. Mocht je me ooit op een warme dag kwijtraken, kun je me waarschijnlijk het snelst terug vinden door de zweetdruppels op het trottoir te volgen.

Op de Grote Markt op een terras, ben ik vrij vlot uitgekeken op de aapjes. Ook als het aapjes in korte rokjes en strakke t-shirtjes zijn. Etalages kijken is nooit iets voor mij geweest. Zonder iets dat ik als activiteit zie, kan ik maar met moeite ergens blijven zitten. Binnen 10 minuten begin ik me dan te vervelen. Zonnen op het strand is niet alleen daarom niets voor mij, maar ook vanwege het vervellen. Weliswaar niet binnen 10 minuten, maar veel langer dan een uur moet het niet duren. Misschien zou ik me niet zo snel vervelen als ik mee kon luisteren met het een of ander gesprek, maar het gemiddelde gesprek op een terras is, voor zover ik meegemaakt heb, niet interessant. Liever zit ik dan met een paar vrienden te praten. Niet dat dat voor meeluisteraars interessant is, maar voor mij, en ik hoop voor die vrienden, wel. Vanwege dat vervelen mocht ik ook graag zeilen. Bij mooi weer zie je het landschap langzaam aan je voorbij trekken, je zit rustig te kwebbelen, in te smeren met factor tig zonnebrand en je moet af en toe ook nog wat doen. Bij ander mooi weer, ben je druk bezig met het roer, de zeilen en andere boten. Bij slecht weer zorg je dat je ergens anders bent, bijvoorbeeld daar waar je het woord café in spiegelschrift op het raam kunt lezen.

In deze tijd van het jaar kun je voor lastige beslissingen komen te staan. Stel, je staat op het punt om naar buiten te gaan, maar je merkt dat het een beetje regent. Het is buiten 20 graden of warmer. Wat doe je om droog te blijven? Binnenblijven is het enige goede antwoord. Naar buiten gaan zonder regenkleding betekend dat je nat wordt van de regen, hul je je in plastic, dan zweet je je te pletter. In beide gevallen wordt je dus nat en dat is niet prettig. Nat van regen betekend vaak dat je koud wordt, iets wat ik ten kostte van een boel probeer te vermijden. Nat zijn van het zweet geeft me een nog plakkeriger gevoel dan nat zijn van regen.

Het voordeel van nat worden van zweet is wel dat je in liften en dergelijke meer ruimte krijgt. Niet iedereen is zo verstandig om bij warm weer met regen binnen te blijven. Sommigen zullen ook wel ergens naar toe moeten, en soms begint de regen zo snel dat je doornat bent voordat je de dichtstbijzijnde overdekte plaats hebt kunnen bereiken. Dan merk je dat dun wit textiel weliswaar leuk staat als de zon schijnt, maar in natte toestand er weinig kleur overblijft...

zondag 19 april 2009

Bioritme en vakantie

Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis, even een luchtiger verhaal in deze vreemde tijd
Vaker en vaker komt het gesprek in, bijvoorbeeld, de koffiekamer op vakanties. Het zal aan de tijd van het jaar liggen. De meeste mensen weten al precies waar ze met wie, wanneer naar toe gaan en zien er naar uit. Ingrediënten voor een leuke vakantie lijken voornamelijk zon, zee, bergen, activiteit, en luiheid te zijn. De exacte ingrediënten en de verhoudingen voor het succesvolle vakantie recept zijn afhankelijk van de persoonlijke voor- en afkeuren van het vakantiegangers. De reistijd en het comfort tijdens de reis lijken niet van belang te zijn. Als je lui in een hangmat wil gaan liggen, is er ook wel een bestemming te vinden die niet zo ver weg is als Haïti. Je eigen tuin of balkon is al een optie, hoewel zand, palmen en Polynesische schonen daar minder snel te vinden zijn.

Op vakantie gaan hoeft voor mij sowieso niet zo erg. Er is geen bestemming waar ik echt naar toe wil, en ik zou niet weten wie ik veertien dagen met mij op zou willen schepen. Één van mijn grootste bezwaren met vakanties is voor mij juist de reistijd. Een hele poos opgevouwen zitten, is niet iets waar ik naar uit zie. Als je een kleine 2 meter lang bent, met wat overgewicht zit je in de meeste vervoersmiddelen al vrij snel opgevouwen. 20 minuten na vertrek ongeveer. Auto’s, bussen en treinen zijn berekend op de gemiddelde Nederlander, die voor zover ik weet grofweg een kop kleiner is dan ik, en een kwart minder weegt. Vliegtuigen zijn berekend op de gemiddelde Aziaat, als ik de verhalen op tv over beenruimte moet geloven.

Eindelijk aangekomen op de verlokkelijke stranden van oost Australië, na een dag opgevouwen gezeten te hebben in het vliegtuig, kom je erachter dat de lokale tijd enigszins afwijkt van wat we hier in Nederland hebben. Een halve dag, of preciezer tien uur. Terwijl jij er over denkt of je nog een pilsje op de bank gaat nemen, of dat je naar bed gaat, is de werkdag voor de meeste autochtonen net begonnen. Je interne klok loopt enigszins uit de pas met de lokale werkelijkheid.

Als je zover mogelijk weg wilt zonder conflicten tussen interne klok en de lokale tijd, houdt het in de praktijk bij Zuid-Afrika op. Er zijn geen hotels of campings op Antarctica, en de cruise schepen houden over het algemeen UTC aan. Weliswaar is dat maar één of twee uur verschil, maar dat is net genoeg om je ongemakkelijk te voelen. Dat je met een vakantie in Zuid-Afrika geen jetlag krijgt, is een voordeel, maar je zit alsnog uren als een origami werkstukje in het vliegtuig.

De laatste maanden ben ik nooit voor twaalf uur begonnen met werken, en zelden voor tien uur opgestaan. Om mijn bazen moverende redenen, mocht ik vanaf vorige week, tot nader bericht, om 09:30 op het werk verschijnen. Half tien op het werk, betekend uiterlijk half acht van m’n bedje, wil ik de tijd hebben om rustig te douchen en een kop koffie te drinken. Dat zijn mijn normale activiteiten tijdens het wakker worden en een soort van minimaal vereiste. Dat iemand op is, wil niet zeggen dat ie wakker is. Normale tijd dat ik opsta is zeg, half elf, huidige tijd half acht, dat is dus een uur of drie richting Australië. Qua reisbestemming zit ik dan in het Midden Oosten. En geef toe, als jij drie uur eerder op moet dan je normale tijd, ben je ook niet blij.

Niet alleen dat er van mij verwacht wordt dat ik zo vroeg aanwezig ben, maar er wordt ook verwacht dat ik vragen om hulp of uitleg van de mensen in de kweek compleet, fris, vrolijk en vriendelijk beantwoord. Zelfs als ik wel om een voor mij normale tijd uit m’n bed kom, is dat de eerste paar uur veel gevraagd. Ik ben overduidelijk één van die mensen die je beter met rust kunt laten tot ze echt wakker zijn. Op m’n vorige werk wist iedereen dat, en zorgden ze dat ze het eerste uur bij mij uit de buurt bleven. De kwekelingen weten de harde werkelijkheid niet, totdat ze er tegenaan lopen. Hun vragen worden, als ik nog aan het wakker worden ben, compleet en efficiënt afgedaan. Normaal probeer ik nog wel enigszins rekening te houden met het niveau van de vragensteller, maar tijdens mijn wakker worden routine is dat geen reële optie. Iets in mijn houding verraadt aan de kwekeling dat doorvragen onhandig is. De dapperen doen het alsnog, en worden als beloning voor hun moed, beleid en trouw net iets uitgebreider geholpen op een kortere manier. Getuigen berichten over kwekelingen met een Post Traumatisch Stress Syndroom na een ontmoeting met mij tijdens het wakker worden.

Niet alleen het wakker worden is een ramp. Ook het inslapen ’s avonds. Normaal ben ik daar al niet goed in, maar het duurt dagen voordat ik omgeschakeld ben van mijn normale bedtijd (twee uur ’s nachts of later) naar iets dat dezelfde slaaptijd oplevert. De eerste week na zo’n omschakeling leidt ik aan acuut slaaptekort, hoewel het me dan nog steeds niet lukt om om een uurtje of 12 naar bed te gaan. Uit ervaring weet ik dat het absoluut geen zin voor mij heeft om m’n bedje op te zoeken voor ik slaperig ben. Niet dat ik niet voor twee uur slaperig wordt. Om een uurtje of zeven à acht krijg ik het zwaar. Dan naar bed gaan, of een tukje doen is niet slim. Dan zit ik om 4 uur klaar wakker naar de re-re-runs te kijken op National Geographic en Animal Planet. De volgende ochtend wordt het dan pas echt zwaar voor de kwekelingen en wat eigenlijk belangrijker is, voor mij.

Ach wat, met een paar dagen ben ik helemaal gewend aan dat belachelijk vroege opstaan, en is het wachten totdat “the powers that will” besluiten om de weer terug te gaan naar de oude situatie. Aanpassingen die kant op, heb ik helemaal geen problemen mee. Later naar bed en later op. Klinkt nu al goed.

Space, infinity


Onze transporteur heeft een loods. De opkoper wilde het meubilair niet meenemen en de taxateur liet zich er niet over uit. Dus nemen wij mee wat wij mooi en nuttig vinden en de rest gaat naar Henkie.

Kilo’s glas, meters boeken, 150 legpuzzels; die jongen weet niet waar hij aan begint. Gisteren zijn we met z’n vieren om 9 uur begonnen. Om 20.00 uur hebben we uiteindelijk even wat gegeten. En om 23.00 uur konden we niet meer.

Het is onvoorstelbaar dat we dit tempo al weken hebben. Want even tussendoor naar het ziekenhuis betekent ook dat je in de avond door moet. Administratief lijkt het nu op orde te komen. We moeten de verhuizing bij de Gemeente nog regelen, maar daarvoor moeten we een ‘bewijs van bewoning’ hebben. En volgens mij heb ik dat nog niet. Dus dat ga ik maandag dan maar regelen. Om 08.00 uur gaan we dan eerst de bestelbus halen en laden. Daarna kan ik dan wel weer andere dingen doen.

Even een vervoersmachtiging regelen zodat je de taxi niet meer hoeft te betalen op weg naar de ziekenhuizen. Een huisarts in de buurt regelen. Nog anderhalve week en dan zijn we thuis. Kunnen we daar het huis reorganiseren en opnieuw inrichten.

donderdag 16 april 2009

puin puin en nog eens een opruimbeurt


Nooit gedacht dat ik echt 5 grofvuilbeurten nodig zou hebben.

Yeahaa

De eerste inspectie voor de woning is geweest en we zijn blij.

Railsen mogen blijven hangen, behang mag blijven zitten. Dat smeurie spul dat nu op de vloer op zolder ligt, mag mooi blijven liggen. Op de trap is het per trede gelijmd en dan ook nog geniet. Dat halen we eraf, het voorbeeld van wat er overblijft heeft de verhuurmakelaar gezien en dat is goed.

Yeaha!

We zijn weer beetje blijer. De taxateurs die we hebben aangeschreven willen de afstand niet rijden. En hier in de stad ken ik geen betrouwbare taxateur. Morgen komt een opkoper. Maandag rijden we de eerste rit naar huis met spullen die we voor ons of voor toekomstig gebruik meenemen. En dan zien we wel wat er overblijft.

De eindopname doen we op de 28e en dan hopen we naar huis te kunnen. We rijden dan op de 28e voor de laatste keer en laten de boel hier dan de boel.  Hopen dat de wind deze week blijft meewaaien.

woensdag 15 april 2009

hoor de wind waait

Nee hoor, natuurlijk werkt het niet. Vloerlijmverwijderaar, afbijt, behangplaksel, niks werkt. Morgen komt de Verhuurmakelaar om ons te vertellen hoe schoon de vloer nou precies moet zijn. Misschien moeten we een schuurmachine gaan huren, misschien laat de meneer het ook wel voor wat het is. Deze woningen worden niet opnieuw verhuurd maar te koop aangeboden, zeggen de buren. Lijkt me in deze tijd niet heel gunstig, maar goed.

Vanmorgen hebben we het 1e myo gedaan. Anderhalf liter water moest je verstouwen en drie blokjes chocolade (je vind beiden helemaal niet lekker). Het radioactieve goedje kon dan in je lijf opgenomen worden in 45 minuten en dan werden we gammafoto’s gemaakt. En morgen doen we de 2e myo. De echografie hebben we al gehad en de totale uitslag krijgen we dan eind van de maand. Ik vind het goed. We hebben nu wel weer wat anders aan het hoofd.

Onze Henkie gaat rijden. We huren een transporter en brengen alvast wat spullen naar G. Aangezien het matras waar we op liggen pas weg kan als wij ook weg gaan, rijden we twee keer.

Zo wordt het nu in een ander deel van Nederland tijdelijk een zooitje en lijkt het hier plots opgeruimder.

Lijm

Bijna alle vloerbedekking die we tot  nu aan toe zijn tegengekomen ligt los of alleen aan de randen vast.

Op zolder ligt vaag zeil met een achtergrond van vezels en dat is vol gelijmd. Muurvast zit die rommel. Haal je zeil van de vloer, dan blijven die haren vastzitten. Het is nu net verdord gras dat op de vloer vastzit.

Afsteken met een plamuurmes wil niet. Afbijt doet niks anders dan ons helemaal high achterlaten. We vonden een tip om het met behanglijm in te smeren. De behanglijm  zou dan een verbinding met de oude lijm aan moeten gaan waardoor we de smeurie die dan ontstaat van de vloer kunnen vegen.

En dat gaan we nu dus proberen.

vrijdag 10 april 2009

Uitruimen, zucht


De heren van de gemeentereiniging moeten ons zo langzamerhand niet meer aardig vinden. Lading nummer 3 staat aan de kant in de ochtend en de stoep staat weer vol.

De taxateur geeft aan dat hij er onvoldoende verdiensten in ziet. Het verkopen loopt niet zoals we zouden willen. We glijden af naar niveau opkoper. Na de Paasdagen gaan we die bellen.

We hebben besloten de secretaire, de kledingkast, de wijnkast, eetkamerstoelen, schildpadschild, wat schilderijen, schoonmaakmiddelen, wasmachine, vriezer, magnetron, en textiel mee te nemen voor gebruik. Voor opslag kunnen we ook nog wat meenemen en de rest zal echt wegmoeten. We zien wel even waar het schip gaat stranden.

Feest

Vandaag wordt mijn partner 50. En als verrassing hebben de kidz en ik afgesproken dat ze naar ons toekomen. Lang weekend logeren. Soort van survival gezien de omstandigheden hier. Gelukkig nemen ze de bakplaat mee zodat we weer wat kunnen bakken. Dat ophaalvoer is best lekker, maar een normaal stukje vlees zou ook welkom zijn. Voor het geld hoef je het hier niet te laten; 5 euro per maaltijd is niet heel veel.

Toen ze vanmorgen heel vroeg bij de ticketmachine van de NS stonden, gaf die aan dat de pinpas geblokkeerd was. Dus op naar de pinautomaat. En, slik, weg was de pas; ingenomen door de automaat.
Paniek ten top, wat nu. Dus mij wakker bellen. Weg verrassing, want nu wil mijn partner weten waar de brand is. En zo snel kan ik geen smoes bedenken.

Dus kijken of mijn baas al aan het werk is, èn of hij me een plezier wil doen om het voor te schieten. En gelukkig is hij er en wil hij voorschieten. Kunnen ze in ieder geval onderweg. Meneer H.L. te G.; mijn dank grenst aan hondsdolheid.


Navraag bij de bank later op de dag leert dat ze hebben gezien dat de pas is gebruik op een automaat waar skimming heeft plaatsgevonden. Er is toen een blokkade op deze pas gezet en tegelijk een nieuwe pas aangevraagd. Daar hadden ze over moeten bellen, maar hebben dat niet gedaan.

Dan gaan ze onderweg en tegen het middaguur zijn ze hier. We tonen wat we hebben gedaan, gevonden en nog moeten. We vieren een beetje de verjaardag en gaan dan op weg naar oma. Even kijken hoe die tegenwoordig in haar vel zit.

Dat velletje trekt aan. Ze is overduidelijk op haar plek en vermaakt zich prima. Druk met haar sociale contacten, de activiteiten en het mooie weer. Ze gaat twee maal in de week naar de kapper en haar haar zit netjes in een krul. Ze is eindelijk uit de huispak-broeken en dat scheelt enorm.

En dan belt de dame van het CIZ. Na uitvoerig beraad, een gesprek met jou en mij, overleg met de huisarts heeft ze een langdurig verblijf indicatie afgegeven.

Dus dubbel feest. En dat hebben we gourmettend gevierd.

maandag 6 april 2009

Wat heb ik nou aan mijn klomp hangen?

Uitruimen in het kwadraat

We zijn toe aan groot vuil beurt 2. De zolder gaat in twee beurten naar buiten. En de vogelkamer gaat in de derde beurt. Ongelofelijk hoeveel puin er uit je huis kan komen. Dit had jaren eerder in gedeeltes gemoeten, dan was het een stuk leuker geweest.

En makkelijker, want bij ieder hoekje waarin ik mijn neus waag, komt er weer iets tevoorschijn dat ik niet ken of had verwacht. Er is zoveel verschillend materiaal… We komen nu bij de hengelsportspullen, we hadden al wat fotografie spullen, maar nu hebben we ook nog een diaprojector, een filmcamera, een bandrecorder anno weet ik niet wanneer.

En overal liggen foto’s, schoonmaakspullen, douche, was, shampoo en noem het maar. Er lijkt geen eind te komen aan de hoeveelheid en verscheidenheid aan spullen.

De medische kant

We hebben de longarts vanmorgen ook gehad. Een longfunctie onderzoek gedaan. En we hoeven ook geen vervolg onderzoek te doen. Het beeld is wel duidelijk. Je hebt long emfyseem in een vergevorderd stadium (COPD , GOLD stadium IV). Je longfunctie is nog maar 24% ten opzichte van leeftijdsgenoten.
Je hebt hierdoor een zéér beperkte actieradius, wat wil je met zulke extreem slechte longen.
Een meting van het bloed in een slagader toont zelfs een verlaagd zuurstofgehalte in je bloed.

De longarts heeft je lichamelijke conditie op het oog al wel geschoten. Ze drukt je op het hart om beter te gaan eten, mogelijk zelfs op doktersvoorschrift proteïnerijke bijvoeding. Ik vertel dat je sinds kort in een zorgwoning verblijft en dus ook pas sinds kort meerdere maaltijden per dag weer krijgt. Het lijkt me beter om dat nog even aan te kijken.

Dan verklap je per ongeluk dat je vals speelt met twee in plaats van drie maaltijden per dag. Je begint pas om half elf te eten. En dan weer om 17.00 uur. En dan heb je me pas echt boos. Ik geef je aan dat ik hemel en aarde beweeg om je nog wat kwaliteit van leven te bezorgen in een veilige en aangename omgeving. Je gaat me dan niet voorliegen en dwarsliggen. Anders kun je letterlijk stikken, dan steek ik geen poot meer uit. Je gaat me nu niet belazeren. Vanaf vandaar ga je drie tot vier keer per dag eten, anders laat ik je de komende maand voeren! Ben je nou helemaal…

Daar schrik je van (en de arts ook een beetje). Schoorvoetend zeg je dat je het nu snapt. Als je lijf gezonder wordt, wordt het krachtiger. Als het krachtiger is kan het je helpen om je leven leuker te maken. Als je longen wat geholpen worden door een krachtiger lijf en medicijnen, dan kun je straks weer veel meer zelf doen. Over vier weken heb je een vervolg afspraak en als het dan niet wat te zien is dat je nu in een eetparadijs woont…. dan kun je echt een boom in.

donderdag 2 april 2009

bbhh

Je hebt het er maar druk mee. Gelukkig pas ik net tussen de bezigheden door.
Ik zou vandaag langskomen met de dvd speler die we meehebben. De dvd van de uitvaart is binnen. Die kun je dan bekijken als je dat wilt.
De reeks van Planet Earth heb ik voor je mee, kun je oefenen met de speler. Knoppen zou je moeten herkennen van de cassette speler en cd speler die je thuis had.

We hebben 65 liter rolcontainers gehaald bij de Blokker. Alle foto, film en dia spullen gaan in zo'n doos in de berging die je hebt. Er zijn ook nog LP's en singles. Daar heb ik echt geen zin en energie voor dus die gaan ook in een doos voor ooit.

Van alle jaren heb je de kaartjes die je ontving bewaard. Kerst, Pasen, verjaardagen etc., het is er allemaal nog. Die gaan ook in de ooit-doos..

In de ochtend had je de was beurt. Verbolgen als je was dat je geholpen werd met haren wassen door de kapster, zo trots vertel je nu dat je hebt gedoucht. Er zit een klapstoel aan de muur en overal zitten steunen, dus ik heb je ervan overtuigd dat je echt niet gaat vallen. En dat heb je dus uitgeprobeerd. Het water heeft je nu eindelijk weer bereikt. En met hulp van de verpleging is zelfs je rug nu schoon. Duizendmaal dank voor de dames op de afdeling!!

In de middag ga je naar de kapster voor de tweede keer deze week. Je hebt een schimmel en die moet met gel en shampoo bestreden worden. En voor 3,50 euro kun je dat iemand anders laten doen. Nu je weet van een tafelgenoot dat ook zij last van die schimmel heeft, ben je helemaal over de schaamte heen. De kapster is geweldig en de shampoo staat ook bij haar op de kast op je te wachten.

Oh en om twee uur moet je weer beneden in de recreatieruimte zijn voor de boodschappen bingo. Prijzen die je kunt winnen zijn zeg maar de dagelijkse boodschapjes (suiker, koekjes, snoepjes etc.).

De verzamelwoede stak weer even de kop op toen ik 20 nieuwe pennen spotte. Je reactie was dat het een aanbieding was en dat die straks op is en dat je veel puzzelt. Kies een boom. Stop daar maar mee. Zo rot heb je het nou ook weer niet dat je bij gelegenheid geen pen kan kopen. Daarnaast lever ik je met liefde de 40 pennen en evenzoveel potloden die in je oude huis liggen.

Ook mag je van mij geen kaarten meer kopen voor verjaardagen, Pasen of wat dan ook. Ik heb hier een halve AH tas vol met die meuk. Stuur die eerst maar weg of gooi ze weg. Kiezen dame!

Maar goed, het is een leerproces. Ik zorg er maar voor dat je kleed-/uitgeefgeld per maand hebt en dat wat er dan nog over is apart gaat voor winterkleding en wat er nog maar meer nodig gaat zijn.

En ondertussen spit ik wel weer door de spullen, op zoek naar nog een headset of radiootje.

dinsdag 31 maart 2009

The battle continues, what the *bleep* did I get myself into?


De huisarts heeft een brief opgesteld. Er staat welgeteld één zin in:
ik vind het medisch noodzakelijk dat mevrouw in een zorgwoning verblijft.

Ik vraag me af of dat voldoende is. De dame van het CIZ zei dat de huisarts eindverantwoordelijk is, dus als die zegt dat het nodig is...
Tja, en dat staat er wel.

Voor de medische onderbouwing zijn we nog in onderzoek. Het bloedlab leverde in ieder geval niks op. De thorax zorgde voor een verwijzing naar de longarts. Het eerste bezoek hebben we achter de rug. Maandag volgt een drietal onderzoeken en aansluitend een consult.
Daarnaast ben ik nog steeds bezig alle zeilen in te zetten op je verblijf. Zo vraag ik onder andere een psychische evaluatie door de hoofdverzorgende in het centrum (baadt het niet enzo).

Ik heb weer een kilo papier verstuurd. De verzekering, ING, Centraal Testamenten Register etc. etc. Jullie hadden een en-of rekening. Dat was wel zo handig als één van jullie beiden zou komen te overlijden. Nou, simpel is het niet. Ik moet met een deel A het overlijden van mijn pa melden. Dan moet ik het centraal testamenten register vragen of er een testament is gemaakt.
Ik weet zeker dat dat er niet is. Jullie hadden de afspraak dat we zouden werken volgens ´testament op de langstlevende´. Degene die over zou blijven zou beschikking krijgen over financiën en middelen.

Met de verklaring dat er geen testament is, kan ik dan deel B insturen. Als bijlage die verklaring en dan kan ik de rekening op jouw naam laten zetten. Pas daarna kan ik internet bankieren aanvragen en je zaken op afstand gaan regelen.

De huur is inmiddels opgezegd. Dat mocht ik gewoon helemaal zelf doen. Best raar, want dat had dus iedereen voor je kunnen doen. Om het voor mezelf te verantwoorden had ik al een kopie van je ID kaart mee en de akte van overlijden van de contractant. Maar zonder die papieren was het me ook gelukt.
Water en energie hoef ik niks aan te doen, pas als wij de woning verlaten. Dan geven we de eindstand door en volgt er een eindafrekening.

De telefoonaansluiting wordt 14 april aangesloten op het nieuwe adres. Je bent eindelijk af van die oude draaischijf (T65) en die ietsje nieuwere variant druktoets (T65 TDK). Je hebt een nieuwerwets simpel toestel, een Bordeaux 300.

De TV doet het analoog al vanuit de zorginstelling. Inmiddels kijk je digitaal met een decoder en een smartcard op een LCD TV met 55 cm beeldscherm. Aapjetrots ben je op je nieuwe spullen. Zo vegen we de herinnering aan je vorige leven wel weg.

Ondertussen worstelen wij met een fototoestellen verzameling, een boekenverzameling, de wereld aan onbekende kunst en kitsch. Waar ben ik aan begonnen?!

Het uitruimen op zich is ook een gebed zonder end. Kilo's grofvuil slepen we van de zolder naar beneden. In de tuin slopen we vogelkooien, druivenhokken, opslaghuisjes. Een onvoorstelbaar grote hoeveelheid kabouters, treintjes, treinbaanmateriaal, edelstenen in bewerkte en onbewerkte vorm en natuurlijk het gereedschap om de stenen te bewerken.

Van veel dingen heb ik geen idee wat ik er mee moet. Ik zet het maar in mijn winkeltje en wacht af.

vrijdag 27 maart 2009

De uitdragerij

We zetten je spullen online.

De kilo's tuinkabouters en de kleine frutseltje (beeldjes, plantenbakjes, nepplantjes etc.) laat ik door een rommelmarktmens ophalen.

Alle andere zaken probeer ik online te zetten, om je een zakcentje te bezorgen. En hopen dat dat gaat lukken, anders gaan we over 2 weken met de foto's naar een taxateur. En in het uiterste geval gaat het naar een kringloopwinkel of zo.

Kom eens langs, misschien zie je iets leuks.

Up en down

Mooie nieuwe bril!

We hebben je brillen opgehaald, één voor lezen en één voor kijken. Scheelt echt meters.


Van de oude bril naar de nieuwe bril scheelt kilometers. En niet alleen de zicht die jij ervoor krijgt, maar ook het zicht dat wij er van krijgen.



Ondertussen doen we ons uiterste best om alles onder controle te krijgen.

In de woning komen we nog steeds voedsel tegen dat over datum is. Blik en pot met data variërend van houdbaar tot 1995 tot nog tot 2010 goed. Er ligt zoveel schoonmaak middelen dat je een flink overheidgebouw had kunnen schoonhouden. Maar je eigen woning is er allerbelabberdst aan toe. Er lopen geen kakkerlakken of ander ongedierte maar dat heeft vast meer te maken met het feit dat alles stikt in het stof. Overal ligt een flinke berg stof op of onder. Alles moet eerste met een vochtige doek worden afgenomen, anders dwarrelt het stof maar door.

Je hebt blijkbaar ook een flinke verzamelwoede gekregen. Zaklampjes, leesbrillen, radio's, half Yves Rocher (nooit geopend, keurig gesealed zoals het werd verkocht), sokken, batterijen, koptelefoons in alle vormen en afmetingen,...
Alles is in veelvoud aanwezig.

Maar voor jezelf zorgen deed je ook al een tijd niet. Het gascomfort heeft het zo aan het stof te zien al jaren niet gedaan. Wij krijgen het ding ook niet aan de praat. In de koelkast bewaar je schoonmaakartikelen, had je de helft maar gebruikt..

Boven op zolder staat een werkende vriezer. Het vlees daar is al jaren over de houdbaarheid heen. Vanuit de vriezer haalde je eens in de zoveel tig tijd een stel koelelementen. Die stopte je beneden in een koeltas en op die manier bewaarde je melk. Koffie maakte je met wiener melange poeder en melk dat je op 500W een minuutje in de magnetron opwarmde. Een water koker had je niet. Iedere week haalde je 10 bolletjes met wat jam of een banaan of zo. Dat was je maaltijd.

Naast dat je niet voor jezelf zorgde met eten, deed je dat ook niet met persoonlijke verzorging. Soms haalde je een washandje langs plekken waarvan je dacht dat ze aandacht konden gebruiken en dat was dan vaak alleen onder je oksels en in je gezicht. Hopelijk wel in omgekeerde volgorde. Je hebt een flinke schimmel op je hoofdhuid en zoals we bij de huisarts hebben kunnen zien ook op je voeten. Daar tussenin weet ik niet en dat ga ik denk ik ook maar zo houden. Mag de zorg nu gaan overnemen.

Wassen van je kleding is ook heel lang geleden. Dat is tenminste wat de wasmachine me verteld. Niet dat je geen wasmiddel in huis hebt hoor. Ook dat is er voldoende. Zo zonder zoeken komen er al 5 dozen met tabletten te voorschijn, naast evenzoveel wasverzachter.

De douche zit zo onder stof en kalk dat er eerst een andere doucheslang en douchekop op moet. De grond moet in de antikal en het putje moet worden schoongemaakt. Het toilet in de badkamer is ook al heel lang niet schoongemaakt, net als de wasbak. Hier ben je overduidelijk niet of nauwelijks geweest.

De CV ketel staat tot 0,5 bijgevuld met water en doet het dus praktisch niet. Er is wel pas iemand van onderhoud geweest, maar die was ook zo weg. Logisch. Luchten deed je niet in huis, en mijn vader is in zijn laatste maanden incontinent geweest.. Die man zal wel niet hebben geweten hoe snel hij weg moest zijn.

Beneden in de keuken stond een vriezer die je ook al jaren niet kon gebruiken omdat hij stuk was. Als we die verplaatsen om hem te laten ophalen, vallen de tegels van de muur.

Ik ben blij dat je in de zorgwoning zit. Dat er mensen zijn die op je letten voor drinken en eten, die helpen met verzorging en je kamer helpen schoonhouden.

Maar dan komt het,.. het Centrum indicatiestelling zorg kortweg CIZ aan de lijn.
De plaatsing in de zorgwoning moet geïndiceerd zijn. Maar de huisarts heeft niks verklaard (die zei tegen me dat mijn woord net zo hard was als die van hem). Er is wat de dame van het CIZ betreft geen noodzaak en ze mag wel naar huis terug.

En dat kan niet. Ze kan niet zelfstandig wonen. De woning is opgezegd. Ze heeft die zorgwoning meer dan nodig. Daar kan ze onzin uitkramen en toch nog gezelligheid treffen.

De dame van het CIZ geeft twee criteria waarmee ze de woning nodig zou kunnen hebben:
als ze niet in staat is te alarmeren
als ze niet een dagdeel alleen kan zijn.

En verder zou ze het prima op zichzelf kunnen. Omdat ik flink tegensputter geeft ze me 3 maanden onderzoekstijd. Maar dan moet er wel een verklaring komen van de huisarts. Die mag de geestelijke gezondheidszorg vragen om een co-advies ivm bijv. dementie of hoe je het ook wilt noemen.

En dan begint de strijd dus opnieuw. Leuk. Ik had toch nog niks te doen. Terug naar het zorgcentrum, de coordinator. Hoe kan dit zo en wat doen we eraan om het om te keren. Om te begrijpen was de dame van het CIZ kan en mag stort ik me op de CIZ Indicatiewijzer. 150 pagina's wetgeving. Je wordt er niet vrolijk van. Nu snap ik ook dat er mensen sterven in hun woning, alleen en zonder dat iemand het merkt.

Je woning is opgezegd en dat blijft ook zo. Ik ga je niet opnieuw aan jezelf overleveren. De buren hebben geprobeerd voor je te zorgen. Eén heeft zelfs een sleutel van je voordeur. Maar aan de binnenkant deed je de deur op de klem zodat ze er niet in kon. En als ze aan de deur aanbelden, dan deed je alsof je er niet was. Ze zagen je soms echt wegduiken om niet gezien te worden.

En dat moet ik dan weer in een zelfstandige woning plaatsen? Met een uurtje thuiszorg of zo? Denk ik niet. De strijd is weer begonnen.

maandag 23 maart 2009

werk, werk, werk

Op medisch niveau:

Via de huisarts zijn we begonnen met het rondje ziekenhuis.

We hebben het Bloedlab aan het werk gezet voor evt:
  • bloedarmoede
  • diabetes
  • cholesterol
  • schildklier
en wat ze nog maar meer hadden staan. 7 volle buisjes haalden ze er uit. Er is al zo weinig van je over, hier heb je weer een tijdje aansterken voor nodig.

Daarna hebben we op de afdeling Radiologie een aantal longfoto's gemaakt. Zelfs ik zie dat het niet goed is.

Je moest urine afgeven waarin ze ook vanalles willen zien.

Na de eerste ronde op 12 maart (nooit bedacht dat je zoveel strijd zou moeten leveren om zorg te krijgen) zijn we begonnen met ronde twee; cardiologie.

Gemiddelde wachttijd rond 6 weken tot 3 maanden zegt mijn huisarts. De buuf van mijn moeder meldt hetzelfde. Zelfs haar man moest na een TIA 7 weken wachten.
Nou pech! Zoveel tijd heb ik niet. Het moet nu en anders gisteren!

En dus hebben we de afspraak op 20 maart.
Een hartfilmpje, een inspanningsonderzoek en een consult. Ik schat je op 45 kilo, maar toch haal je er nog 50 uit.

Voor cardio gaan we nog een echografie laten doen en een myocardscintigrafie met dobutamine laten maken, een radioactief onderzoek waarbij met medicijnen de hartspier in actie wordt gezet, zonder dat je longen hoeft in te zetten.
Ik geef aan dat je longen het zeker niet meer zo goed doen, beetje gevalletje COPD in mijn lekenogen..

Dus een peperduur onderzoek. Toch even kijken, alhoewel de arts denkt dat gezien je foto's je longenfyseem de grootste boosdoener is.
En dat is handig, zo'n arts die je kunt inzetten op meerdere velden. Want ik gaf aan dat we al thoraxfoto´s hadden laten maken maar nog geen uitslag hadden vernomen...

Zo'n myo heeft een wachttijd (eg nie) van ruim 3 à 4 maanden. Met spoed kunnen we eind juni terecht. Even sputteren en zielig doen en het hele arsenaal tevoorschijn halen en we hebben de afspraken. Eerst een echo op 7 april. De myo's op 15 en 16 april en het consult op 24 april.

Niks wachttijd!

En terwijl we naar buiten wandelen, bel ik de huisarts. Of we maandag even een afspraak kunnen hebben voor medicatie voor je longemfyseem (meer hierover op http://www.ziekenhuis.nl/index.php?cat=animaties&action=show&movie=217). Tempo!
In eerste instantie kunnen we donderdag de 26e terecht, maar dat is na wat deskundig sputteren (kan ik prima) hebben we de 23e een afspraak.

Vandaag zouden we er dus heen. Bij de huisarts medicatie halen, zo simpel leek het me. Maar een half uur voor onze afspraak belt de assistente. We moeten toch eerst maar naar de longarts.

Zucht.

En daar gaan we weer. Het electronisch dossier is doorgestuurd. Ik kan bellen met de afdeling. Daar leg ik de situatie uit en hoor een eerste datum eind mei. Ik sputter nog wat en we kunnen aanstaande maandag terecht.

Vandaar ook maar even de overgordijnen voor je kamer besteld. Morgen komen ze voor de zekerheid nameten en dan is dat er volgende week vrijdag.

Morgen met je naar de opticiën voor een mooie nieuwe bril. Kijken hoe vlot we dat kunnen doen.

Er moet nog vanalles. Ik bouw een catalogus met foto's op flickr en een blog om de verkoop te begeleiden.

donderdag 19 maart 2009

Nieuw leven, nieuw begin


De afgelopen dagen ben ik druk bezig geweest om te regelen dat je woning bewoonbaar wordt. Dat betekent dat de vloerbedekking die je wilt houden ook schoon moet zijn. En dat je spullen er komen. Ik kan sterk zijn maar een eindje lopen met een bankstel of eiken kastje is toch wat te veel van het goede.


Het senioren bed dat je overneemt moet vanaf een andere locatie komen. Daarvoor zijn we afhankelijk en dat is wat op dit moment de boel ophoudt. Zodra Henkie kan verhuizen, kunnen we verder. Een vandaag kan Henkie. Hij neemt zelf een sjouwhulpje mee. Zijn tante heeft hem vertelt dat dat nodig is. En ik vind het best. Voor twintig euro rijdt hij twee maal vanaf onze locatie en een derde maal vanaf de andere locatie. Geheel zonder problemen worden de spulletjes versleept.


Ik zet ze op de plek. De boel is wat opgeleukt met bloeiende planten (al weet ik zo niet hoe die dingen heten). De Technische Dienst van het huis heeft ondertussen de plafond lamp opgehangen en er zelfs gloeilampen ingedraaid. Al met al is het een leuke plek geworden. Natuurlijk kan er nog van alles. We hebben nog geen passende overgordijnen bijvoorbeeld. Maar aangezien ik dat zelf niet kan maken ben ik ook daar afhankelijk. En ik heb zo even geen atelier die het in een dag kan doen. Drie werkdagen is het snelst.

Als ik je kom halen heb je nog een paar kilo handdoeken, washandjes, etc. gevonden om mee te nemen. We verslepen het op de fiets naar het huis. Je vindt het allemaal razend spannend. Aangekomen in de kamer zie je voor het eerst het beeld dat ik in mijn hoofd had; je nieuwe huis. En nu besef je ook pas dat het echt definitief is. Het is niet een gril of iets tijdelijks. Je wordt echt uitgeplaatst naar een ander huis.

Ik laat je rondkijken en meldt dat ik je hier een paar uur ga achterlaten. Als je slim bent ga je ook even beneden in de algemene ruimte snuffelen. Ik vertrek en zie je wat overdonderd achterblijven.

Een paar uur later meld ik me weer. Je hebt met je nieuwe TV en je digitale ontvanger gespeeld. Trots meldt je dat je de EPG, teletekst en de Radio hebt gevonden. Je hebt je weg gevonden. Volgende week koop ik je ook maar een dvd speler en van huis neem ik wel wat dvd’s mee (Earth zal het wel goed doen denk ik, tekenfilms ook wel).

Je volhardt in je wens om deze nacht in de oude woning door te brengen. Meedogenloos meld ik je dat je vanaf morgen niet meer daar kunt slapen. Dan neem ik de woning over. Ook gaan we niet stukje bij beetje je hele verzameling overbrengen naar het huis. Je hebt kilo’s van alles gekocht (sokken, t-shirts, sloffen, huispakken). Maar ook onzinnige dingen. En die ga je nu achterlaten.

Dat zal nog wel moeilijk worden, maar komt tijd komt raad. Vanaf morgen is je huis van mij. En ik ga ruimen, serieus ruimen. We beginnen met de tapijttegels die er al sinds 1982 liggen… En hopen dat me dat bijstaat in mijn allergische reactie.. We zullen zien. Voorlopig is er nog genoeg kluif om tanden in te zetten.

dinsdag 17 maart 2009

Ashes to ashes


Om 11.00 uur wordt mijn moeder met haar vriendin opgehaald. De rouwwagen met daarin de kist met mijn vader rijdt bij haar voor de deur. Daarachter de volgauto waarin zij zullen worden vervoerd. Zo heeft ze nog steun in deze moeilijke, laatste gang. Ze zal mijn vader nog een laatste maal volgen op zijn weg.

Ondertussen gaan wij met zijn zessen op pad. We hebben besloten de weg te lopen. 

Ruim op tijd komen we bij het crematorium aan. De ontvangstruimtes zijn al ingericht en de baar wacht op de kist. De muziek staat al geprogrammeerd in de computer die aan de wand hangt. De uitvaartleidster zal de speech voorlezen. Het condoleanceregister ligt maagdelijk schoon te wachten op de aanwezigen. Wie zullen nog komen?

De kleine stoet arriveert op de parkeerplaats. De rouwauto verdwijnt achter het gebouw zodat de kist op de baar kan worden geplaatst. De uitvaartleidster leidt de volgauto stapvoets naar de entree. Een klein breekbaar mensje stapt uit.

Er blijken gelukkig nog wel wat mensen te zijn. Het is warm om te zien dat een aantal buren en oud collega’s van mijn vader zijn gekomen. Om mijn moeder bij te staan op deze dag.

Als vogelliefhebber stond hij bekend dus we beginnen met een toepasselijk nummer van ‘Sweet people’. Dan Ramses Shaffy met ‘Laat me’. Niet vanwege de dranklust, maar vanwege de levenshouding die erin beschreven wordt. De uitvaartleidster leest tussen de nummers door de speech voor. Bij het laatste nummer, zo voorspelbaar van Andrea Bocelli en Sarah Brightman – Time to say goodbye, worden de  aanwezigen verzocht om staand afscheid te nemen. De kist verdwijnt naar achteren. De overige aanwezigen hebben het tot hier nog wel droog kunnen houden. Bij het opengaan van het gordijn en het langzaam verdwijnen van de kist begin ik toch maar wat tissues weg te geven. Overal zie ik wateroogjes om het verdriet dat ze mijn moeder zien hebben.

Aan het eind van het nummer is de kist verreden. Het gordijn sluit en ik zie de uitvaartleidster een traantje wegpikken. Je zou verwachten dat zij er minder last van moet hebben, maar niets is minder waar. Ik dacht tijdens de speech al gehoord te hebben dat haar stem brak..

In de condoleance kamer ontpopt zich een sterkere versie van mijn moeder. Ze stapt van groepje naar groepje om mensen te bedanken voor hun aanwezigheid. Ik zie zo hier en daar een roker naar buiten vluchten. Voor het gebouw tref ik een aantal rokers aan die allemaal een schuldig gezicht trekken als ze me zien aankomen. Even twijfel ik of ik een sigaret zal bietsen, maar dat gevoel is snel over.

Na een poosje besluiten we dat het mooi is geweest. De cake en koekjes komen toch niet op, dus we besluiten te vertrekken. We krijgen een nazorgmap mee. Het boeket op de kist is gefotografeerd en vanuit het boeket zijn een aantal bloemen in twee kokers gezet. Die kokers krijgt mijn moeder mee. De volgauto wordt voorgereden en mijn moeder stapt met haar vriendin in de auto. De overige aanwezigen vertrekken en wij gaan weer lopen. Een stuk stiller dan op de heenweg.

Ik loop naar haar huis, de rest gaat naar onze tijdelijke verblijfplaats. Nog even samenzijn, inschatten of ik haar alleen kan laten voor een deel van de dag. Later die dag kan ik nog wel weer langs, maar ik heb even de rust in mijn hoofd nodig. Morgen is het weer druk met afspraken, maar voor vandaag is het klaar.

Ashes to ashes, dust to dust.
Nu begint mijn moeders leven.

zondag 15 maart 2009

De eerste keer


Sinds het overlijden van mijn vader is er een hoop gebeurt.
De zorginstelling waar mijn moeder gaat wonen heeft een feestweek. Misschien kunnen we een kijkje nemen in de kamer waar mijn moeder komt te wonen. Misschien verzet het de zinnen een beetje. Misschien…

We gaan naar het huis toe. Onderweg blijkt al hoe spannend het allemaal is. De ademhaling wordt weer moeizaam en we moeten vaak stoppen. Als we er zijn zien we de drukte in de gemeenschapsruimte. En aangezien ik niks heb gezegd over een feest, verbazen we ons erover dat het zo gezellig klinkt. We zoeken een stoel en een kop koffie. Als niet-bewoner mag ik 2,50 euro afrekenen voor de feestmiddag. Als ik vertel dat mijn moeder vanaf dinsdag een woonruimte in het huis heeft, krijgt zij alvast een bewoners-behandeling. De feestmiddag is voor haar gratis.

Een slecht zingende amateur zingt vanaf een standaard een aantal liedjes uit vroegere tijden. Zodra hij bij zijn briefjes uit de buurt is merk je dat; dan is hij de tekst helemaal kwijt. Veel bewoners kennen zijn tekst beter dan hij zelf. Toch heeft iedereen het naar de zin en wordt er uit volle borst meegezongen. Zo hier en daar dansen mensen alleen of samen met een medebewoner.

Een vitale dame komt met de rollator aangelopen. Ze draait de stoel met het zicht naar de zanger en komt naast mijn moeder zitten. Onhandig in sociale contact weet mijn moeder zo niet wat te doen of te zeggen. Maar de vitale dame weet het prima. Als 8 jaar woont ze nu in het huis en met haar 98 jaar is ze nog verbazend pienter. Zij voert het gesprek wel. Belangstellend vraagt ze honderduit, condoleert mijn moeder met haar verlies en wijst haar op de voordelen van dit huis. Zo enorm gewild is dit huis, dat er lange wachttijden zijn voor een woonruimte. En dus vraagt ze hoelang mijn moeder heeft moeten wachten. “Twee dagen” antwoordt mijn moeder en kijkt vragend naar mij. “Of was het drie?”.

De dame kijkt verbaasd en feliciteert haar. “Een lot uit de loterij mevrouw”, zegt ze. “Dan heb je echt veel geluk gehad. De kamer is voorzien van toilet en doucheruimte, kitchenette, kastruimte, koelkast, aansluiting voor televisie en telefoon. Een plaats hier is heel gewild.” Mijn moeder is nog aan het bekomen van de tornado die over haar heen is gegaan de laatste dagen. Het volledige besef is er nog steeds niet.

We mogen in haar kamer kijken hoe het er gemeubileerd uitziet. Want we mochten in de nu uitgeruimde kamer kijken. Die lijkt nu groot en klein tegelijk. En we konden ons geen beeld maken van wat er wel of niet inpast. De kamer van mevrouw B. is warm en gezellig ingericht. Het geeft een prima beeld van wat kan en past. Het contact is prima en samen gaan ze ook even bij de buurvrouw van mevrouw B. binnenkijken. Samen besluiten ze dat die kamer minder warm en gezellig is.

We blijven nog wat hangen. Ik denk dat het allemaal heel goed voor mijn moeder gaat zijn. Die gaat haar draai hier vinden. Ze kijkt al uit naar de activiteiten in het huis. En, nog leuker, ze maakt plannen voor de inrichting van haar eigen kamer. Voor het eerst maak je je eigen keuzes. Dat kastje en dat gordijntje en en en… Voor het eerst in 45 jaar kies jij.

zaterdag 14 maart 2009

The Final Curtain


Op 9 maart 2009 besluit je om 20.45 uur toch te vertrekken. Je overlijden is gewenst maar toch onverwacht. Door een combinatie van het ontbreken van eigen vervoer, slechte taxi service, zeer slechte conditie van je voormalig partner en jouw eigen timing, missen we je verscheiden op een haar.

Misschien is het ook wel beter zo. De vorige persoon die ik al stikkend zag overlijden staat me nog vlijmscherp op het netvlies. Wat dat betreft is het een zegen dat we dat niet meer meemaken.

Het verpleeghuis verbreekt de wirwar van gevoelens door rationele vragen. Wilt u dat wij uw vader afleggen of moet de uitvaartondernemer dat gaan doen? Welke kleding wilt u hem in hebben? Moet hij daarna in de koeling tot morgenvroeg of komen ze hem vandaag nog halen?

De schouwarts komt een uurtje later om de dood officieel vast te stellen. Hij wil weten of we nog vragen hebben.. Ik probeer te bedenken welke vragen mijn moeder nog kan hebben. Tenslotte zal het voor haar het moeilijkst zijn. Maar in mijn onschuld kan ik geen vragen bedenken. Mijn moeder zit er wat verloren bij en lijkt nog kleiner dan ze al was. Nog breekbaarder. Nog afhankelijker.

Ik bel de verzekering en meld het overlijden. De uitvaartleidster zal binnen een kwartier terugbellen om afspraken te maken. Verbeeld ik het me of hebben alle mensen in dit werkveld een volume en tonatie die hoort bij het vak?

We spreken af dat je inderdaad in de koeling mag toch morgenochtend.  Mijn moeder mag na het afleggen nog afscheid nemen, maar kan daar emotioneel gezien de ruimte niet voor vinden. We besluiten een taxi naar huis te nemen. We praten, huilen, lachen en herinneren ons het leven zoals het was toen alles nog goed was. Het lijkt je te helpen om deze gebeurtenis een plek te geven.

De uitvaartleidster komt de volgende morgen op het afgesproken moment aan huis. In de papieren chaos die ik de afgelopen paar dagen heb doorgeworsteld ben ik maar 1800 euro aan uitvaartdekking tegengekomen. We zullen al snel richting 5500 euro gaan dus ik ben blij met wat reserve op de bank.

Er komt een boel bij kijken. Een kist heb je in veel soorten. Een robuust eiken kist zal ook flink lang branden. We kunnen ook kiezen voor degelijk spaanplaat in fraaie vormgeving. Mooi grafwerk eroverheen en het lijkt al weer heel wat.

Wil je de aula gebruiken, koffie/thee met cake/koek en gebruik condoleanceruimte na afloop? Welke muziek, hoeveel auto’s. Welk protocol? Hebben we een speech, willen we die zelf doen of laten we die doen?
Welk kaartje, welk lettertype, welke tekst, welke papiersoort, welke enveloppe. Na de kist en de bloemen raken we wat in paniek. Natuurlijk stelt ze ons gerust. Het gaat prima zover.

De kaarten zullen vanmiddag voor de buslichting worden bezorgd. De enveloppen laat ze alvast achter zodat we kunnen schrijven. Ik hoop voor haar dat iedereen die we aanschrijven ook het fatsoen heeft om een kaartje terug te sturen. Dat zal het verwerkingsproces alleen maar goed doen.

We krijgen een offerte en nog een kilo ander papier. En dan verdwijnt ze weer. Voldaan na een anderhalf uur adviseren, troosten en noteren. Als in een roes gaan we de enveloppen schrijven. Naar wie stuur je een kaart? De afgelopen jaren zijn steeds meer mensen om jullie heen overleden. Wie is nog over? Daarnaast ben je de laatste anderhalf jaar blijkbaar nogal een lastpak geweest. We komen toch nog tot een redelijk aantal en leggen de enveloppen opzij.

Rond 1700 uur komt de man van de drukkerij met de kaarten. Hij biedt aan om te helpen met vullen en postzegels plakken. Ook zal hij de rouwmap ter verzending aanbieden bij TNT. ‘Hij komt er met de auto toch langs, en aangezien wij geen eigen vervoer hebben…’ Wat een pro actieve service verlening toch dezer dagen.

Met een flinke kop koffie in de hand begint het regelen. En ik weet dat ik daar nog een fikse kluif aan ga hebben.

donderdag 5 maart 2009

(bijna) Fin


Het is zover, je bent ingeslapen. De morfine heeft de pijn verdreven,… voor altijd. Eindelijk heb je de rust.

Een leven als plantje heb je nooit gewild. Daarvoor ging ik naar je toe, om de stekker eruit te trekken. En als altijd liet je me de kans niet. Je was me voor. Midden in de nacht,.. met niemand erbij. De arts luistert en voelt. Geen pols, geen hartslag, geen niks. Hij verklaart je dood. Je vrouw wordt gebeld. Ze had het bericht verwacht en laat het me weten. Ondanks alles toch wel schrikken.

En dan, geheel tegen alle verwachtingen in. Je gaat weer ademen. De arts weet van gekkigheid niet wat hij moet zeggen om een excuus aan te bieden. Heel zelden gebeurt dit blijkbaar.

Nu wachten we opnieuw af. Wachten om te kijken of je er nog bent als ik vrijdagavond daar kom. Of dat je er toch weer tussenuit knijpt.

woensdag 4 maart 2009

Het eind is in zicht


Vroeger was je sterk. Jij was de man in huis. Jij wist precies wat je wilde.

Als één van de eersten had je een euthanasie verklaring opgesteld. Jij wilde niet als kasplantje leven. Dan maar liever de lucht in om maar een uitspraak te pakken. Je vertelde het terloops, zo onder het toetje. Mocht het zover komen dat je geen menswaardig bestaan meer had, dan hoefde we er niet over na te denken. Stekker eruit en hupsakee.

Nu zijn we dan daar aangekomen. Stikkend van de pijn sukkelde je al een maand of 2, 3 door. Je kwam al nergens meer, maar wilde eigenwijs genoeg nog wel in de slaapkamer op de verdieping slapen. Terwijl je je in huis al niet meer kon redden. Met een stok en alles wat je als steun kon vinden sleurde je je van de voorkant van de woonkamer naar de achterkant van de woonkamer. Van een dokter wilde je in december al niet horen. Jij ging tenslotte nooit naar de huisarts.

Eén keer weet ik dat je daar niet onderuit kwam; nierstenen. Toen moest de dokter komen. Die sterke man lag te kronkelen op de grond van de pijn. Ook nu kwam je er niet meer onderuit. Morfine is wat de pijn dragelijk kon houden.

Maar inmiddels is er zoveel morfine nodig dat je niet meer aanspreekbaar bent. Het eind is in zicht.

Mijn moeder heeft het uitgesteld. Bang als ze is om voor het eerst in haar leven alleen achter te blijven. Vandaag heeft ze gebeld. ‘Het gaat niet zo goed’ zegt ze dan. Eigenlijk vraagt ze me om een beslissing te nemen. En dat gaan we dan ook maar doen. Zaterdag. Eerst nog even 2 dagen training geven. Het maakt nu toch niet meer uit.

Als hij maar op me wacht. En niet stiekem alsnog voor me uit de pijp aan Maarten geeft, de eeuwige jachtvelden opzoekt en zo. Dat hij het aan het eind toch allemaal zelf nog regelt, zonder mijn hulp.

We zullen het zien, .. zaterdag. Hopen dat we het kunnen plannen. Hopen dat het beeld van de man die hij is geworden nog wat klopt. Hopen… op wat eigenlijk?

maandag 2 maart 2009

Hormonale waarnemingen


Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis

Over een paar weken begint de lente echt. Hormonen krijgen de hele natuur in hun greep. Leeuwerikjes, bijtjes en wat er verder ook leeft, proberen zich krampachtig voor te doen als de meest geschikte kandidaat partner in de wijde omtrek. Hoewel de uitingsvorm verschillend is per soort, is de vertaling van al het baltsgedrag altijd grofweg “ik ben de grootste, de mooiste en de dikste”.

Balts gedrag is bij mensen niet seizoensgebonden. Anders gezegd we zijn altijd onderworpen aan  hormonen. Zoals een wijs iemand ooit zei: “jongetjes zijn jongetjes, en meisjes zijn meisjes, zeker als je ze bij elkaar zet.”. In mijn werkomgeving is dat mooi te zien. Zelfs enigszins gestrest, maar dat zijn vaak de beste voorbeelden. Gestrest omdat het minimaal vijf op één is. Vijf jongetjes op hooguit één meisje. Een meisje hoeft niet erg mooi, erg aardig of op een andere manier erg opvallend te zijn om balts gedrag te triggeren bij, in ieder geval enkele van, de mannelijke collega´s. Twee x chromosomen zijn ruim voldoende.

Balts gedrag heb je in verschillende stadia. Jongetje ziet meisje voor het eerst. Je hoort de initiële scan zowat starten met eenzelfde soort zoemtoon als een kopieer apparaat of scanner. <scan> haar, gezicht, borsten, middel, bekken, benen <scan gepauzeerd> en voor de zekerheid weer terug. </scan>. Soms hoor je ook een soort van  <bzz><klik><bzz><klik><bzz> alsof de scan blijft haken. Dat is een gedeelte van de gescande, waar de scanner extra interesse voor heeft. Die hele eerste scan draait inderdaad puur op uiterlijk Karakter is nog onbelangrijk.

Geen flauw idee of vrouwen het ook doen, maar mannen hebben de neiging om de uitkomsten van de initiële scan te vergelijken. Zal wel, want waar praten vrouwen anders zo lang over als ze, groepsgewijs,  “naar het toilet gaan” in de kroeg. Het taalgebruik tijdens de evaluatie is afhankelijk van de cultuur. Toen ik nog bij slagers in de buurt was, werden de technische delen openlijk, met naam, toenaam en een verbijsterend aantal bijnamen, vergeleken met gemeenschappelijk bekende dames, en de norm maten in centimeters. Borsten: 95; middel: 80; heupen: 90; lengte:175; IQ: niet interessant. Bij mijn huidige werkgever is het taalgebruik amper minder specifiek, en inhoudelijk hetzelfde. Ook mannen in een relatie evalueren, en dus scanden, mee. In ieder geval als de eigen partner niet in de buurt is. Ergens verbazend is het dat het taalgebruik niet gerelateerd is aan leeftijd, of aan al of niet in relatie. De schijnbare leeftijd tijdens evaluaties is altijd dezelfde. Zestien. Hooguit.

Daarna wordt het onderwerp van de scan nog enige tijd verholen geobserveerd om het gedrag te beoordelen. Stadium twee. Als de beoordeelde doorheeft dat er op haar gelet wordt, zie je dat. Buik in borsten vooruit, kijk mij eens, ik doe op een charmante manier of ik echt niet door heb dat ik geobserveerd wordt, en dit zijn mijn sterke punten. Ik neem zonder meer aan dat vrouwen eenzelfde soort scan uitvoeren bij mannen die ze voor het eerst zien en dat mannen ook, buik in borst vooruit, zich laten bekijken. Voor zover ik heb kunnen waarnemen wordt de “ik word gescanned” houding ook vaak aangenomen als de gescande amper belangstelling heeft bij latere stadia van het balts gedrag. Misschien willen mensen gewoon graag gezien worden als een aantrekkelijke partner in spe. De vragen na de scan op gedrag zijn: kan ik hier wat mee, wil ik er wat mee en, eventueel, is er een reële kans. Er zijn genoeg mensen die zelfs een gokje willen wagen op een te hopeloze mogelijkheid waar ze in de praktijk weinig mee kunnen en eigenlijk ook niets mee willen. Wat te hopeloos is, is een definitie kwestie.

Het volgende stadium is de toenadering. Bij ons betekend dat eigenlijk altijd dat het jongetje naar het meisje toegaat met een min of meer doorzichtig excuus. De voor toenaderaar en toegenaderde leukste uitkomst, in eerste instantie in ieder geval, is natuurlijk een afspraakje. Hooguit interessant voor de waarnemer. Minder leuk om te zien is een toenaderings poging die tactisch wordt afgewimpeld. Zielig is het als de toenaderaar niet doorheeft dat hij of zij afgewezen is. Zeker als het herhaaldelijk gebeurd. Plaatsvervangende schaamte bij de toeschouwer. De laatste mogelijke uitkomst is voor de toeschouwer, op een semi perverse manier, het leukst. Soms zie je, met een soort van, eventueel door voorkennis verkregen, welhaast perverse voorpret, een toenaderings poging die je zelf als zwaar kansloos inschaalt, inderdaad op de verwachtte en gehoopte manier aflopen. De toenaderaar wordt afgeschoten en druipt af. Going down in flames.

Hormonen: bron van angst, vreugde, teleurstelling en of kijkplezier, afhankelijk van uitkomst en de rol die je op dat moment hebt.

zaterdag 28 februari 2009

Back to the future


Ooit solliciteerde ik voor een functie waarvan ik dacht dat hij me op het lijf geschreven was.  Ik ging door de assessments en de gesprekken heen en dacht dat het alleen nog wachten was op een vrije plaats. Dan, plotseling, komt er een uitspraak. “Je bent heel goed in wat je doet”. Maar de functie ging aan mijn neus voorbij. Volledig in verwarring bleef ik achter. Er zitten slecht functionerende mensen op de plek van bestemming, hoe slecht moest ik dan wel niet zijn om er niet te mogen zitten?!? Gepijnigd weigerde ik na te gaan wat dan de reden was. Uiteindelijk kreeg ik de functie dus niet omdat ik goed ben in wat ik doe.

Op de plek van bestemming gebeurt lange tijd niks spannends. Collega’s die ik het enorm gun komen er via een stage in terecht. Zelf zit ik op een plek die nog lang niet verveeld, maar helaas wel eindig is. Langzaam komt die zomerstop dichter en dichter bij. En dan is hij er plots weer. De vacature van toen. Ik bent nog steeds heel goed in wat ik doet, en … nog steeds onzeker over wat nu toen toch de reden is geweest om de functie niet te krijgen.

Natuurlijk, ik ken mijn zwakheden. Ik kan zowel vanuit de vloer als vanuit management denken (en ook tegelijkertijd). Mijn planning om die twee gedachten te uiten is niet altijd de meest optimale, maar hij is altijd oprecht. Ik ben niet echt een volger, maar wel een teamspeler. En ik sta voor en achter het team waartoe ik vind dat ik behoor. En er wordt gezegd dat ik nogal autoritair overkom. Het zal.
Maar de pijn van toen blijft. Ik voelde me uitgekotst en dat is niet prettig. En niet prettige dingen voel ik liever niet vaker. Dus ik reageer niet op de vacature.

Dan plotseling hoor ik wie zijn uitgenodigd voor een gesprek. En een aantal daarvan verbaast me. Nooit aan die persoon gedacht voor die plek. Je kent dat vast wel. Mensen reageren op de gekste functies, totaal tegen hun natuur in. En dan begint het toch te kriebelen. Had ik maar…

Wat zou er gebeurt zijn als… We zijn een paar jaar verder. De managementlaag van toen is geëvolueerd. Wie weet.. Maar dan lees je de tekst nog eens door. De sluitingsdatum is voorbij. Een manager die je kent had ooit gezegd eens een balletje op te gooien, maar dat zal wel een loze belofte zijn geweest. In ieder geval heeft het niet tot iets geleidt.
Zou er nog ruimte zijn? Ze zoeken meerdere nieuwe collega’s. Loop je opnieuw tegen een muurtje op? Misschien juist wel handig, kun je nu eens vragen hoe het muurtje er uit ziet.

De weg naar de toekomst gaat via het verleden. De kans is voorbij. Het muurtje bestaat, alleen de samenstelling is me onduidelijk. Wat maakt mij ongeschikter dan de mensen die er nu zitten. Die informatie is verdwenen. Uithuilen en opnieuw beginnen. En duimen dat de kandidaten die ik ongeschikt acht ook ongeschikt gevonden worden. Anders moet ik toch eens aan de bril.

zondag 22 februari 2009

Bijgeloof


In meer of mindere mate zijn we het allemaal; bijgelovig. Een ladder, een zwarte kat, gevallen zout, zomaar een paar voorbeelden van veelvuldig voorkomend bijgeloof.   Onder een ladder doorlopen. Daar kunnen we zelf nog wel iets bij bedenken. Als de persoon op de ladder iets uit de handen laat vallen, dan ben je mooi zuur. 
Maar er is meer.  Konijnenpootjes, hout afkloppen, met glazen klinken, kaarsjes in één keer uitblazen, met je rechterbeen uit bed stappen, hoefijzers, klavertjes vier, en ga zo nog maar een tijdje door.

Feng Shui (spreek uit als: feng sjoewie / [ˌfʌŋˈʃweɪ]) is het andere geloof. Het geloof van de energie. Door een bepaalde inrichting in je woning kun je de energie positief laten stromen. Een openstaande toiletdeksel kan de positieve energie wegspoelen en laat op die manier voornamelijk geld uit het huishouden verdwijnen. Een specifieke indeling van je slaapkamer kan er voor zorgen dat je beter uitgerust ontwaakt.

Dan is er nog het geloven in vervloekingen. Een voorwerp dat in zijn essentie vervloekt is door de maker. Denk maar aan een Kris. 40 dagen wordt er gevast als een Kris is voorzien van een wens. Er wordt gezegd dat de Kris altijd zijn weg zoekt naar de rechtmatige eigenaar of diens erfgenamen. Een verwenste Kris kun je niet verkopen of weggooien; daarmee los je het probleem ook niet op. Weggeven mag, vermits de ontvanger hem ook graag wil hebben. Pas dan is het mogelijk om het huis te zuiveren van eventuele restanten van de verwensing. Nou is zo’n drager makkelijker te verkrijgen dan te vergeven.

Zo heb ik nog wel een beeld met kris staan die ik graag een liefhebbende (andere) eigenaar toe wens. Maar zie die maar eens te vinden.



Update:
Ruud&Lillian zijn de nieuwe eigenaars geworden. Zonder wederdienst is de Hanuman van eigenaar gewisseld. Moge zij er meer geluk mee hebben dan ik meen te hebben gehad.

Nu nog ramen en deuren dicht en witte salie door het huis, dan kunnen we verder.

zaterdag 7 februari 2009

Rien va plus

Het balletje draait raar. Je wilt de goktafel het liefst jouw kant op helpen en leunt wat tegen de tafel aan. Het lijkt niet te helpen, integendeel zelfs. Het balletje hikt en lijkt net een andere kant op te gaan vallen dan de kant die  jij graag wilt.  Eindeloos draait het balletje. Waanzinnig van verlangen ben je naar de uitkomst. Dan zie je het plotseling; jouw keuze lijkt het toch te worden. Alle tekenen wijzen erop. En het vakje zelf lijkt het te bevestigen. Vreugde omdat het balletje toch goed terecht komt.

Gokken blijft een rare bezigheid. Het kan online en kan ook leuk zijn. Maar het kan je ook volslagen gek maken. In het dagelijks leven doen we het toch meermalen per week, soms zelf meerdere keren per dag.

Examens bijvoorbeeld. Echt een apart soort gokken. Je start met 10 mensen en schat in hoeveel van die 10 over de streep gaan komen. Iemand anders doet hetzelfde met 10 anderen. Die 10 anderen levert maar 1 persoon op die in één keer over de streep komt. Dat moet in jouw geval toch beter kunnen. Dus gok je op minstens 2 in één keer. En het dubbeltje valt verkeerd. Niet eens één red het. Tragisch! Maar in een tweede poging wordt het beter. 6 uit 10, al moeten we eerlijk bekennen dat het 6 anderen zijn dan we hadden bedacht. Mensen waarvan je een hoge verwachting hebt, juist die redden het niet. En diegene die je het helemaal niet ziet doen, die doet het heel goed.

Als we zo slecht gokken, komt dat dan omdat we onszelf zo slecht kennen? Als je zo om je heen kijkt, zie je vast wel iemand die in het plaatje past. Zo iemand is intensief in therapie voor van alles en lijkt ook heel serieus bezig met aan zichzelf werken. Aan alle kanten denk je te zien dat het uiteindelijk de juiste kant op zal gaan. De omgeving waar die persoon zich nu bevindt is geen optimale. Hier zal dat oude, niet wenselijke, gedrag snel weer de kop opsteken. Hier zullen anderen beschadigd uitkomen. En de veroorzaker zal het niet zien, niet vermoeden, zich niet realiseren. 

Het lijkt er soms op dat jij de enige bent die het ziet. Niemand anders heeft een idee van wat er gebeurt. Toch zal dat niet zo zijn. Diegene zal op een bepaald moment naar iemand reageren die het net als jou opvalt. Iemand die een verschil kan maken in de toekomst van de veroorzaker en zijn omgeving. Iemand waar jij helemaal geen tegengas of actie van had verwacht. Zou het dan toch allemaal goed gaan komen?