zondag 17 mei 2009

Ouderdom komt!


Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis

Als ik in een vlaag van nostalgie door m’n fotoboeken blader, zie ik m’n oude vrienden weer zoals ze eens waren. In de twintig, gladde gezichten en relatief netjes op BMI. Ondertussen zijn de meeste in de veertig en de knaagsporen van de tand des tijds zijn duidelijk zichtbaar. De, minimaal eerste, lijntjes zijn in de gezichten gekomen, er is sprake van toenemend overgewicht, en op recente foto’s zijn er verdacht vaak niet meer zo heel kleine kinderen aanwezig. Als het kroost tenminste nog met pa en ma op de foto wil.

Het verschil tussen oudere foto’s en de werkelijkheid is niet het eerste dat je merkt van ouder worden. Het eerste dat je merkt, is dat de bediening in restaurants, caissières en dergelijke, jonger lijken te worden. Dat is uiteraard niet waar. Bediening en caissières zijn gemiddeld nog steeds even oud, maar het leeftijdsverschil met jou is toegenomen. Zij worden niet jonger, wij worden oud. Eigenlijk is dat nog een redelijk onschuldig verschijnsel. Het kan erger. Als simpele vrijgezel verbiedt niemand me om naar de dames om me heen te kijken. Dat doe ik dan ook. Wanneer ik dan iets denk als  “dat ziet er niet slecht uit”, gaat het vaker en vaker over een vrouw, tegenwoordig al niet eens meer altijd meisje, die met gemak mijn dochter had kunnen zijn. Behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet, schijnt de minimaal acceptabele leeftijd voor een partner ($EigenLeeftijd / 2 + 5) te zijn. Dat is in mijn geval 27. Met de tijd zullen meer en meer leuk uitziende vrouwen jonger zijn dan die grens. Als die me betrappen op rondkijken en me m’n conclusies zien denken, zal ik steeds vaker een blik terug krijgen die niets anders kan betekenen dan (om het vriendelijk te houden): “had je gewild ouwe!”. Iedereen die even oud, of ouders is dan je ouders, is oud. Waarom denk je anders dat het “ouders” heten. Voor de bediening, de caissières en dat steeds groter gedeelte van de leuk uitziende dames zijn wij oud.

Soms wordt er geklaagd dat de opvoeding van tegenwoordig veel te vrij is. De jeugd van tegenwoordig wordt zogenaamd geen respect meer aangeleerd. Daar ben ik het niet mee eens. Voorkomen dat allerlei jong grut mij met U aanspreekt, blijkt met het voortschrijden der jaren moeilijker en moeilijker te worden. Daaruit blijkt dat de opvoeding door de jaren heen strenger aan het worden is. Op de één of andere manier voelt aangesproken worden met U, niet zozeer als beleefd, maar meer als een soort veroordeling. U zeggen kan uiteindelijk ook de beleefde versie van: “jij bent oud” zijn.

Niet alleen dat meer en meer mensen me standaard met U aanspreken, het wordt ook moeilijker en moeilijker om ze het af te leren. Een jaar of wat geleden hoefde ik maar één keer iets te zeggen als “je en jij graag” en je had er in de rest van het gesprek geen last meer van. Zeker niet als je het grappig wist te brengen. Dat is nu niet meer zo. De meeste mensen die bij ons in de opleiding zitten, zijn begin twintig. Midden in de leeftijdsgroep die me irriteren door me te vousvoyeren. Ze zijn niet veel jonger dan dat ik voel dat m’n leeftijd is. Humor lijkt ook niet meer te werken. Als begeleider en trainer heb je gelukkig meer middelen dan alleen maar vriendelijk vragen. Dreigen kan ook. Soms denkt het beoogde slachtoffer dat het een geintje is. Jullie mogen ook aannemen dat dat zo is. De juiste gezichtsuitdrukking maakt de bedreigde dan onzeker genoeg over hoe serieus je het dreigement meent, dat ze netjes overgaan op jij. List, bedrog en ervaring verslaan jeugdige energie, overmoed en geldingsdrang nog steeds. Op een bepaalde manier heeft dat leeftijdsverschil toch ook nog wel wat.

Wat is de leeftijd waarop je iemand gerust oud kunt noemen terwijl hij binnen gehoorsafstand is. Daar valt eigenlijk niet echt een uitspraak over te doen. Mijn vader wordt dit jaar 83. Als ik dat, laat staan hem, oud noem, gaat ie erg kwaad kijken. Hij vindt zich met z’n 82 nog steeds niet oud en lijkt ook niet van plan zich oud te gaan voelen. Zijn broers die een nog hogere leeftijd hebben, schijnen zich ook nog niet oud te voelen. Stiekem vind ik hun wel oud, en met mij waarschijnlijk de meeste mensen. Ergens ben ik benieuwd wat pa oud noemt, en of hij dat nog steeds vindt als hij bij die leeftijd in de buurt begint te komen. En ook of ik nog vind dat ik niet oud ben, mocht ik die leeftijd ooit eens in een verre toekomst bereiken.

Er niet aan herinnerd worden dat ik ouder wordt, blijkt steeds moeilijker te worden. Dat ik nu niet veel anders leef dan, pak ‘m beet, 20 jaar geleden is eigenlijk alleen voor mij relevant. Mijn leef-leeftijd zal nog steeds een jaar of 20 à 25 zijn. De buitenwereld weet uiteraard niet hoe ik leef, en neemt dus aan dat ik leef zoals gemiddeld voor mijn leeftijd. Mijn absolute leeftijd begint naar “middelbaar” te gaan. Ik ben tenslotte 44, hoewel ik dat eigenlijk liever ontken en er zijn niet veel mensen die de 88 halen. Vaag meen ik me te herinneren dat ik veertig ooit eens oud vond. Dat vindt ik nu uiteraard niet meer. Zelfs vijftig worden lijkt niet afschrikwekkend, behalve dan de opblaasbare abraham die volgens geruchten al besteld is. Om een bekende stripheld te parafraseren: “IK BEN NIET OUD!”

zaterdag 16 mei 2009

Kennis is macht en macht moet je delen


Dat kennissysteem lekt aan alle kanten. En het nare is dat de mensen die er werken, de mensen die mijn input en de input van mijn collega’s moeten verwerken, geen idee hebben wat er bij ons speelt. Eigenlijk is dat heel vreemd; het merendeel van de mensen daar heeft dit werk ooit gedaan. Je zou verwachten dat er dan wat kennis is blijven hangen. Maar het enige deel uit de titel dat is blijven hangen is het machtsdeel. Zij beslissen soms dat je helemaal gelijk hebt en passen de content aan. Maar soms doe je zo’n zelfde voorstel tot aanpassen en dan wordt hij afgewezen. Dan moet je je gelijk gaan bewijzen, je verzoek ondersteunen met input.

In slechts luttele momenten hebben we ruim 100 opmerkingen gemaakt. Sommige puur taalkundig (inderdaad de punten en de komma’s), soms echt content. Je zou denken dat een groot bedrijf dat een kennissysteem heeft dat zowel door klanten als door medewerkers gebruikt wordt als bron van informatie wel beter met haar informatie zou omgaan. Dat er minder fouten in zouden staan.

Fouten in informatie maar ook in taal. Taalfouten hoef je niet te maken. Gebruik de spellingscontrole en check wat je invoert. Als de informatie dan incompleet is, dan is het in ieder geval in het Nederlands…

Maar goed, wie ben ik. Ik werk niet bij een afdeling die je kennismanagement zou kunnen noemen. Ik ben zo’n gek die vind dat je kennis moet delen. En uiteindelijk krijgen we dat systeem ook wel goed met z’n allen. En misschien hebben we dan ook geleerd om meer samen te werken.

donderdag 14 mei 2009

longrevalidatie

Gisteren nog even een paar uur trein om moekie te begeleiden voor een onderzoek bij de longafdeling. De longverpleegkundige legt nogmaals uit wat COPD Gold fase IV nou precies betekent en wat de mogelijkheden zijn.

Longrevalidatie.

Een kapotte long wordt niet meer heel, nooit meer. Maar je kunt het lijf wel sterken. Eén van de bijwerkingen van COPD is dat de lijders eraan gaan afvallen. Het lichaam heeft veel energie nodig om dat beetje zuurstof dat nog geoogst kan worden ook door het lichaam te transporteren.

Bij longrevalidatie gaat het niet alleen om het trainen van lijf en leden. Ook de voeding moet goed zijn, energierijk eten om het lijf te sterken. En als het voedingsbeeld nog niet goed is, dan kan bijgevoerd worden met energierijk eten. Dat zijn van die pakjes astronautenvoer die ook na chemokuren kan worden gegeven.

De verpleegkundige brengt het opnieuw op tafel. Ik had al aangegeven dat ik eerst wil zien wat eten, geregeld en onder toezicht, doet met haar lichaam. Ze moet aansterken, terugkomen van ondervoeding en verwaarlozing. En dat lijkt nu te gebeuren.

Voor de revalidatie is een wachttijd. Dus besluiten we in de kantine van het ziekenhuis na gedegen overleg dat we haar gaan opgeven. Met de wachttijd in gedachten duurt het dan toch nog even voordat we verder gaan. Als we starten dan is het met een startonderzoek, een nulmeting. Daar kan ik dan mee heen. Daarna kan ze een revalidatietraject in dat is toegesneden op haar kansen en beperkingen. Iedere week op maandag, woensdag en vrijdag zal in de ochtend dan een training en voorlichting zijn. Twaalf weken lang. Dat moet ze echt alleen doen. De taxi brengt haar heen en terug. In week x+7 is een vervolgonderzoek. Daar kan ik dan ook nog wel heen.

We geven door dat ze op de wachtlijst mag en dan sluiten we de dag af.

Wat schetst mijn verbazing als vandaag al gebeld wordt of we aanstaande maandag kunnen komen. Ho! Stop! Wat is er gebeurt met wachtlijst en 'duurt wel even'?
Maandag is me te snel, doe maar een week later.
Ik bel haar om te melden dat wat lang zou duren nu plots heel snel gaat. En bereid me voor op nog een dag ruim 8 uur reizen. Gelukkig zijn er hoorboeken en heb ik nog heel wat leeswerk in te halen...

werken aan werk

De regeling met mijn werkgever is voor elkaar. We hebben wat we hebben wilden en dat brengt rust.

Ik ben vrolijk aan de handouts gaan werken en denk ze nu helemaal bij te hebben.

Volgende stap is het kennissysteem dat we gebruiken. Daar moet zeg maar de kennis nog ingezet worden. We hadden een ander systeem dat op een wat aparte manier werkte. Je kon niet zoeken op de inhoud, maar alleen op zoekwoorden die de maker van dat stukje gegeven eraan vast gekoppeld had. Was daar een typefout gemaakt, dan moest je exact dezelfde typefout maken om het gegeven terug te vinden.

We mopperden er veelvuldig op en wensten ons een beter systeem waarin je, net als op google, gewoon kon zoeken op alle woorden in de tekst... En onze wens kwam uit. Dit nieuwe systeem doet waarom wij vroegen. Het is alleen jammer dat ze de kennis die we hadden opgebouwd niet allemaal hebben overgezet. Sommige heel essentiële zaken zijn niet meer te vinden.

Gelukkig heb ik nog veel van de input van het oude systeem en kan ik de nieuwe dus aanvullen. Maar dat is wel een hele plens werk waarvoor ik eigenlijk niet ben aangenomen. Nou is dat niet zo erg voor mij, ik ben er immers toch. Werk dat gedaan moet worden voor 'the greater good and mankind', zeg het maar en ik voer het wel uit. Maar je moet je uren wel weg kunnen schrijven op een project en dat lukt niet zo goed. Ik heb hier geen opdrachtgever voor.

De afdeling Kennismanagement wil me de kaarten wel voorschotelen zodat ik ze kaartgewijs kan corrigeren. Maar ze kunnen geen project regelen. Of ik het even tussendoor wil doen. Morgen maar eens voorleggen aan de baas. Eens horen wat die er van zegt.

zaterdag 9 mei 2009

komt tijd, komt oplossing

Mijn functie is callcenteragent. Daarnaast vervul ik een rol als begeleider. Dat is geen onderdeel van een functie. Een vroegere baas noemde het gekscherend een kadootje en dat is het ook wel. Even niet in die lijn, maar een agent in opleiding helpen met zowel communicatie als kennis en kunde.
Zo zie je dan een beginnende agent groeien van onzeker naar zeker en van onbekwaam naar bekwaam. En je weet dat je daar een aandeeltje in hebt gehad. Dat is leuk. En voor degene die die groei niet weten te waarderen, is die rol niet bedoelt. Die moeten maar gewoon iets anders zoeken.

Naast die rol vervul ik een taak. Je merkt al dat het een leuk bedrijf is zo met functies, rollen en taken. Die taak is Trainer met alles erop en eraan. De materialen waarmee ik train maak ik ook zelf en hou ik ook bij. Andere trainers helpen me er natuurlijk bij en samen hebben we een best indrukwekkend setje trainingsmateriaal in elkaar gezet.

Voor die taak krijg ik wel een toelage. De taak mag je een half jaar uitvoeren, dan kan hij met nog een half jaar worden verlengd. Maar daarna moet je er drie maanden tussenuit. Anders wordt het misschien wel een verworven recht zoals dat mooi heet. En kun je aanspraak maken op de functie die het niet is.

Die taak loopt 1 juni officieel af. Maar gelukkig zijn ze er mee bezig om er toch een functie van te maken. En dat betekent de komende tijd een functiebeschrijving opstellen, maar ook een functiewaarderingstraject. En die duren vaak lang. In de tussenliggende tijd kan ik gelukkig ingezet worden als trainer-begeleider en krijg ik dan ook de toelage uitbetaald. Daarna is het even afwachten welk niveau eruit komt rollen.

Als de functie eenmaal beschreven is, moet ik solliciteren op die functie. En een assessment doen. En hopen dat ik verder mag met wat ik tot nu toe het allerleukste vindt: trainen.

dinsdag 5 mei 2009

Het leveren van kwaliteit kost geld, het niet leveren van kwaliteit kost kapitalen

 

Maar wat bedoelen we nu eigenlijk met kwaliteit.
In een callcenter waar support op techniek wordt gegeven bedoelen we in mijn ogen: help de klant op de best mogelijke manier aan het beste resultaat tegen de minste kosten.

Ik probeer er een aantal leefregels op na te houden die ik zelf heel fijn vind:

Natuurlijk is het heel gezellig met een klant aan de lijn, maar als de klant gezelligheid zoekt, dan gaat hij met vrienden stappen. Maak een gesprek dus niet onnodig lang.

Natuurlijk weet jij meer dan de klant, anders hadden jullie op elkaars stoel gezeten. Jij bent opgeleid voor dit soort vraagstukken, die klant niet. Hou daar rekening mee in je communicatie. Zorg dat de klant je begrijpt, begrijpt waarom hij een actie moet uitvoeren. Doe dat ook op het niveau dat de klant begrijpt. Daarvoor dien je goed te luisteren naar de klant, zodat je dat niveau kunt inschatten.

Stel vragen, doe geen voorstellen. Vraag wat de klant ziet/doet/hoort. Als je gaat ‘helpen’ met vragen als “als u links kijkt ziet u rechts zeker niks”, zorgt er alleen voor dat je hoort wat de klant denkt dat je wilt weten.

Help de klant zoals je zelf geholpen zou willen worden. Soms hoor je een dienstverlener gapen, kauwen, zuchten. Als je dat zelf als klant zou horen, zou je vast geërgerd zijn. Zorg dat jouw klant zich niet aan je gaat ergeren.

Wees eerlijk en oprecht. ‘Voor zover mij bekend niet, maar ik vraag het voor de zekerheid nog even na’ is altijd beter dan een regelrechte leugen om maar van de klant af te zijn.

Val je collega niet af. Misschien was het oerstom wat hij heeft gedaan, misschien was het gemakzucht. Misschien wist hij het antwoord niet. Geef aan dat jij het niet weet en dat je het jammer vind dat je collega dat niet heeft kunnen melden. Laat in het midden waarom dat zo is gebeurd. Je zou het zelf ook niet fijn vinden als de collega iets naars over jou gaat zeggen.

Met slechts een paar kleine leefregels wordt een supportgesprek snel een leuk gesprek. En zeg nou zelf, leuke gesprekken wil toch iedereen wel voeren?

maandag 4 mei 2009

vroeger was de wereld toch anders


Ik ben er bijna twee maanden tussenuit geweest, maar what in the hell happened to this world in the mean time?!?

Pandemie met Mexicaanse griep, een ontslagen beveiligingsbeambte die ff snel een paar mensen doodrijdt op wat een nationale feestdag had moeten zijn, een chirurg met een medisch strafblad mag gewoon doorgaan met snijden, een kip met liefdesverdriet doet een zelfmoordpoging. Als je kind zelfstandig in zijn bedje kruipt, halen we de politie erbij. Waar moet dat heen met de wereld.

Het zijn niet alleen de dingen die gebeuren. Ook de gadgets die we hebben. Was voorheen een eierwekker toch een ideale uitvinding, tegenwoordig kunnen we hem tussen alle andere gadgets niet meer vinden. Dus pakken we gewoon de online eierwekker.

En wat te denken van de gezondheidszorg?
We nemen een fijn kopje batterijen-thee ter voorkoming van onze zelfmoordneigingen. Ons kind met eczeem zetten we tegenwoordig in een bad met bleekwater.

De wereld is gek, of ben ik het?

Ik zeg een abonnement op in juli, terwijl dat pas hoeft in november. Dan, in maart (terwijl ik midden in crematie-regelen zit) meldt het bedrag dat ze de vordering van nu 450 euro hebben overgedragen aan een deurwaarder.
Oink?
Het was een abonnement van 20,95 per maand. Ik weet zeker dat het tot en met oktober is betaald, daarna regelde een kantoor mijn betalingen… Nu beweren ze dat ik niet heb opgezegd. Dus ik laat ze met mijn kantoor contact opnemen; die betaal ik er immers voor om zaken voor me te regelen. En na overleg stuur ik een brief (naar aanleiding van het gesprek dat jullie hebben gehad, bevestiging van de opzegging vorig jaar juli per einde contract december 2008.

En wat denk je? Zeggen ze niet te hebben ontvangen. Het is een abonnement voor iets groeperigs, en ik ben al die tijd niet geweest omdat ik had opgezegd. Twee keer zelfs!!

Ik spreek met een baas af dat een taak die ik uitvoer (250 euro per maand) tijdelijk onderbroken wordt voor de maanden maart, april en mei. Met een terugkeergarantie op 1 juni.
Nu keer ik vandaag terug en hoor dat ik niet terugkeer omdat ik niet nodig ben in die taak. Komen ze nu mee! Had ik het geweten dan had ik de onderhandelingen die het kantoor voor me doet op basis van andere grondslagen laten doen.

En een adviseur die me vorig jaar naar dat kantoor toestuurde meldt mij nu dat ik voor hulpverlening vanuit de werkgever eigenlijk bij het verkeerde bureau zit. Of ik dat ff midden in de onderhandelingen wil wisselen.

Ik geef het maar tijdelijk op, snappen zal ik het niet. Zal ik wel blonT zijn of beginnend dement…

dinsdag 28 april 2009

@Home

We zijn thuis en zouden gaan uitrusten. Maar waar was ook al weer het hondenvoer? En die leuke schelplamp, die zat in de doos waar ook dat kleedje in zat… En die klok en die…

En zo zoeken we uiteindelijk toch weer wat in het rond. Onze schatten van verhuizers hebben een groot deel van de dozen niet gestapeld, een ander deel staat in de berging. Daarnaast was het al wat chaos op onze zolder omdat we zelf aan het uitruimen waren.

Het zal nog dagen duren als het niet om weken gaat, voordat we alles een beetje op orde hebben. Morgen zetten we de kledingkast maar in elkaar, dan kan in ieder geval het textiel uit de doos en in de kast. Misschien kan dan ook een deel van het keukenspul even in die kast, zodat er weer wat overzicht komt.

Het huis lijkt vreemd en toch vertrouwd. Even flink schuffelen en zien dat we van de twee huishoudens weer één geheel kunnen maken..

zondag 26 april 2009

Wrap up

We hebben veel spullen gewoon maar ingepakt en naar huis laten brengen. Ons huis zal nu wel een zooi zijn, maar dat zien we dan dinsdag wel.

Morgen nog even de handtekening halen op de vervoersmachtiging, wat chemische zooi naar de milieustraat brengen, een huisarts in de buurt regelen en dan zou het goed moeten zijn.

Zoals het nu lijkt gaat het laatste deel (matras, keukenspul en boeken) dinsdag naar huis. De woning is dan bezemschoon, de tuin opgeruimd, het vuil allemaal weg en de meterstanden doorgegeven.

We merken nu dat we echt helemaal op zijn. Vroeg in de avond, en dan heb ik het over 6 of 7 uur al, begint het gapen en als je even niet oplet, dan slapen we al voor 11 uur. We luisteren nu ook beter naar ons lichaam en gaan dat de komende week volhouden. Volgende week mag ik weer aan het werk en kan ik uitrusten haha.

Nog even volhouden en dan zijn we thuis. De laatste loodjes…

woensdag 22 april 2009

Mooi weer

Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis
Definieer mooi weer. Een stralende zon aan een strak blauwe hemel, temperatuur boven de 30 graden, terrasjes, vogeltjes, bijtjes, associaties met tropische eilanden, palmbomen, hangmatten en cocktails in kokosnoten met rietjes en parasolletjes. Voor velen zal dat ongeveer de definitie zijn. Wat mij betreft zou je een strak blauwe lucht met een temperatuur boven de 30 alleen normaal moeten vinden als je een toeareg bent, of inderdaad vrijwillig in Polynesië verblijft.

Als de temperatuur boven de 25 komt begin ik aan alle kanten te lekken. Ook als ik niets doe. Zweten betekent, vooral sinds ik kalend ben, dat het zweet me in de ogen loopt en m’n bril me van m’n neus af drijft. Dat je minder kleren aan kunt doen, zie ik niet echt als voordeel. Zowat ieder kledingstuk dat ik normaal aan heb, heeft zakken. Dat is expres. In de meeste zakken zitten attributen die ik om de een of andere reden altijd bij me wil, of moet, hebben. Minder kleren betekend minder zakken, betekend dat ik spullen moet weglaten of overplaatsen. Geen van beide een acceptabele optie. Eigenlijk, als ik moet kiezen tussen een dag met een temperatuur van een 15 / 20 graden en een dag met 25+, andere omstandigheden hetzelfde, geef ik de voorkeur aan de eerste optie. Hitte is niets voor deze kaaskop. Net zoals kaas begin ik dan te zweten en te stinken.

De voorkeur voor minder heet weer heeft ook te maken met m’n standaard dagbesteding. Als ik niet op het werk ben, zit ik thuis een boekje te lezen, naar de tv te kijken of ben met m’n computers aan het spelen. Zonder ingrijpende wijziging zou ik alleen dat eerste op m’n balkon kunnen doen. Stoeltje op het balkon, tafeltje erbij voor drinken en eventuele snoeperij, luidsprekers voor de muziek en 6 vierkante meter horregaas om te zorgen dat de geleedpotigen van mij, m’n snoepgoed en m’n drinken af blijven. Definieer niet ingrijpend. De glasplaten om te zorgen dat de wind de bladzijden niet om gaat slaan, zouden ergens ook wel handig zijn, maar dan kan ik echt beter gewoon in m’n stoel in de kamer blijven zitten. Ergens een fijn plan, doe ik.

Eigenlijk heb ik geen idee wat andere mensen met mooi weer doen. In de tuin of op het balkon zitten, amechtig hijgend aan de airco hangen, of door de stad flaneren zijn een aantal dingen die ik zo voor de vuist weg kan verzinnen. Het flaneren ben ik verleerd sinds ik lopend forens. Ik loop behoorlijk door. Bij warm weer is het resultaat voorspelbaar. Collega’s willen me ook nog wel eens verwonderd aankijken als ik compleet doorweekt aankom. Ze willen eigenlijk niet geloven dat je zo nat kunt worden van het lopen. Als ik bij uitzondering met andere mensen ergens loop, moet ik constant aan m’n tempo denken. Zo niet, dan hoor ik op een gegeven moment iemand amechtig naast me hijgen, of dat ik alleen loop. Mocht je me ooit op een warme dag kwijtraken, kun je me waarschijnlijk het snelst terug vinden door de zweetdruppels op het trottoir te volgen.

Op de Grote Markt op een terras, ben ik vrij vlot uitgekeken op de aapjes. Ook als het aapjes in korte rokjes en strakke t-shirtjes zijn. Etalages kijken is nooit iets voor mij geweest. Zonder iets dat ik als activiteit zie, kan ik maar met moeite ergens blijven zitten. Binnen 10 minuten begin ik me dan te vervelen. Zonnen op het strand is niet alleen daarom niets voor mij, maar ook vanwege het vervellen. Weliswaar niet binnen 10 minuten, maar veel langer dan een uur moet het niet duren. Misschien zou ik me niet zo snel vervelen als ik mee kon luisteren met het een of ander gesprek, maar het gemiddelde gesprek op een terras is, voor zover ik meegemaakt heb, niet interessant. Liever zit ik dan met een paar vrienden te praten. Niet dat dat voor meeluisteraars interessant is, maar voor mij, en ik hoop voor die vrienden, wel. Vanwege dat vervelen mocht ik ook graag zeilen. Bij mooi weer zie je het landschap langzaam aan je voorbij trekken, je zit rustig te kwebbelen, in te smeren met factor tig zonnebrand en je moet af en toe ook nog wat doen. Bij ander mooi weer, ben je druk bezig met het roer, de zeilen en andere boten. Bij slecht weer zorg je dat je ergens anders bent, bijvoorbeeld daar waar je het woord café in spiegelschrift op het raam kunt lezen.

In deze tijd van het jaar kun je voor lastige beslissingen komen te staan. Stel, je staat op het punt om naar buiten te gaan, maar je merkt dat het een beetje regent. Het is buiten 20 graden of warmer. Wat doe je om droog te blijven? Binnenblijven is het enige goede antwoord. Naar buiten gaan zonder regenkleding betekend dat je nat wordt van de regen, hul je je in plastic, dan zweet je je te pletter. In beide gevallen wordt je dus nat en dat is niet prettig. Nat van regen betekend vaak dat je koud wordt, iets wat ik ten kostte van een boel probeer te vermijden. Nat zijn van het zweet geeft me een nog plakkeriger gevoel dan nat zijn van regen.

Het voordeel van nat worden van zweet is wel dat je in liften en dergelijke meer ruimte krijgt. Niet iedereen is zo verstandig om bij warm weer met regen binnen te blijven. Sommigen zullen ook wel ergens naar toe moeten, en soms begint de regen zo snel dat je doornat bent voordat je de dichtstbijzijnde overdekte plaats hebt kunnen bereiken. Dan merk je dat dun wit textiel weliswaar leuk staat als de zon schijnt, maar in natte toestand er weinig kleur overblijft...

zondag 19 april 2009

Bioritme en vakantie

Nogmaals een bericht van de zeer gewaardeerde schrijvende kennis, even een luchtiger verhaal in deze vreemde tijd
Vaker en vaker komt het gesprek in, bijvoorbeeld, de koffiekamer op vakanties. Het zal aan de tijd van het jaar liggen. De meeste mensen weten al precies waar ze met wie, wanneer naar toe gaan en zien er naar uit. Ingrediënten voor een leuke vakantie lijken voornamelijk zon, zee, bergen, activiteit, en luiheid te zijn. De exacte ingrediënten en de verhoudingen voor het succesvolle vakantie recept zijn afhankelijk van de persoonlijke voor- en afkeuren van het vakantiegangers. De reistijd en het comfort tijdens de reis lijken niet van belang te zijn. Als je lui in een hangmat wil gaan liggen, is er ook wel een bestemming te vinden die niet zo ver weg is als Haïti. Je eigen tuin of balkon is al een optie, hoewel zand, palmen en Polynesische schonen daar minder snel te vinden zijn.

Op vakantie gaan hoeft voor mij sowieso niet zo erg. Er is geen bestemming waar ik echt naar toe wil, en ik zou niet weten wie ik veertien dagen met mij op zou willen schepen. Één van mijn grootste bezwaren met vakanties is voor mij juist de reistijd. Een hele poos opgevouwen zitten, is niet iets waar ik naar uit zie. Als je een kleine 2 meter lang bent, met wat overgewicht zit je in de meeste vervoersmiddelen al vrij snel opgevouwen. 20 minuten na vertrek ongeveer. Auto’s, bussen en treinen zijn berekend op de gemiddelde Nederlander, die voor zover ik weet grofweg een kop kleiner is dan ik, en een kwart minder weegt. Vliegtuigen zijn berekend op de gemiddelde Aziaat, als ik de verhalen op tv over beenruimte moet geloven.

Eindelijk aangekomen op de verlokkelijke stranden van oost Australië, na een dag opgevouwen gezeten te hebben in het vliegtuig, kom je erachter dat de lokale tijd enigszins afwijkt van wat we hier in Nederland hebben. Een halve dag, of preciezer tien uur. Terwijl jij er over denkt of je nog een pilsje op de bank gaat nemen, of dat je naar bed gaat, is de werkdag voor de meeste autochtonen net begonnen. Je interne klok loopt enigszins uit de pas met de lokale werkelijkheid.

Als je zover mogelijk weg wilt zonder conflicten tussen interne klok en de lokale tijd, houdt het in de praktijk bij Zuid-Afrika op. Er zijn geen hotels of campings op Antarctica, en de cruise schepen houden over het algemeen UTC aan. Weliswaar is dat maar één of twee uur verschil, maar dat is net genoeg om je ongemakkelijk te voelen. Dat je met een vakantie in Zuid-Afrika geen jetlag krijgt, is een voordeel, maar je zit alsnog uren als een origami werkstukje in het vliegtuig.

De laatste maanden ben ik nooit voor twaalf uur begonnen met werken, en zelden voor tien uur opgestaan. Om mijn bazen moverende redenen, mocht ik vanaf vorige week, tot nader bericht, om 09:30 op het werk verschijnen. Half tien op het werk, betekend uiterlijk half acht van m’n bedje, wil ik de tijd hebben om rustig te douchen en een kop koffie te drinken. Dat zijn mijn normale activiteiten tijdens het wakker worden en een soort van minimaal vereiste. Dat iemand op is, wil niet zeggen dat ie wakker is. Normale tijd dat ik opsta is zeg, half elf, huidige tijd half acht, dat is dus een uur of drie richting Australië. Qua reisbestemming zit ik dan in het Midden Oosten. En geef toe, als jij drie uur eerder op moet dan je normale tijd, ben je ook niet blij.

Niet alleen dat er van mij verwacht wordt dat ik zo vroeg aanwezig ben, maar er wordt ook verwacht dat ik vragen om hulp of uitleg van de mensen in de kweek compleet, fris, vrolijk en vriendelijk beantwoord. Zelfs als ik wel om een voor mij normale tijd uit m’n bed kom, is dat de eerste paar uur veel gevraagd. Ik ben overduidelijk één van die mensen die je beter met rust kunt laten tot ze echt wakker zijn. Op m’n vorige werk wist iedereen dat, en zorgden ze dat ze het eerste uur bij mij uit de buurt bleven. De kwekelingen weten de harde werkelijkheid niet, totdat ze er tegenaan lopen. Hun vragen worden, als ik nog aan het wakker worden ben, compleet en efficiënt afgedaan. Normaal probeer ik nog wel enigszins rekening te houden met het niveau van de vragensteller, maar tijdens mijn wakker worden routine is dat geen reële optie. Iets in mijn houding verraadt aan de kwekeling dat doorvragen onhandig is. De dapperen doen het alsnog, en worden als beloning voor hun moed, beleid en trouw net iets uitgebreider geholpen op een kortere manier. Getuigen berichten over kwekelingen met een Post Traumatisch Stress Syndroom na een ontmoeting met mij tijdens het wakker worden.

Niet alleen het wakker worden is een ramp. Ook het inslapen ’s avonds. Normaal ben ik daar al niet goed in, maar het duurt dagen voordat ik omgeschakeld ben van mijn normale bedtijd (twee uur ’s nachts of later) naar iets dat dezelfde slaaptijd oplevert. De eerste week na zo’n omschakeling leidt ik aan acuut slaaptekort, hoewel het me dan nog steeds niet lukt om om een uurtje of 12 naar bed te gaan. Uit ervaring weet ik dat het absoluut geen zin voor mij heeft om m’n bedje op te zoeken voor ik slaperig ben. Niet dat ik niet voor twee uur slaperig wordt. Om een uurtje of zeven à acht krijg ik het zwaar. Dan naar bed gaan, of een tukje doen is niet slim. Dan zit ik om 4 uur klaar wakker naar de re-re-runs te kijken op National Geographic en Animal Planet. De volgende ochtend wordt het dan pas echt zwaar voor de kwekelingen en wat eigenlijk belangrijker is, voor mij.

Ach wat, met een paar dagen ben ik helemaal gewend aan dat belachelijk vroege opstaan, en is het wachten totdat “the powers that will” besluiten om de weer terug te gaan naar de oude situatie. Aanpassingen die kant op, heb ik helemaal geen problemen mee. Later naar bed en later op. Klinkt nu al goed.

Space, infinity


Onze transporteur heeft een loods. De opkoper wilde het meubilair niet meenemen en de taxateur liet zich er niet over uit. Dus nemen wij mee wat wij mooi en nuttig vinden en de rest gaat naar Henkie.

Kilo’s glas, meters boeken, 150 legpuzzels; die jongen weet niet waar hij aan begint. Gisteren zijn we met z’n vieren om 9 uur begonnen. Om 20.00 uur hebben we uiteindelijk even wat gegeten. En om 23.00 uur konden we niet meer.

Het is onvoorstelbaar dat we dit tempo al weken hebben. Want even tussendoor naar het ziekenhuis betekent ook dat je in de avond door moet. Administratief lijkt het nu op orde te komen. We moeten de verhuizing bij de Gemeente nog regelen, maar daarvoor moeten we een ‘bewijs van bewoning’ hebben. En volgens mij heb ik dat nog niet. Dus dat ga ik maandag dan maar regelen. Om 08.00 uur gaan we dan eerst de bestelbus halen en laden. Daarna kan ik dan wel weer andere dingen doen.

Even een vervoersmachtiging regelen zodat je de taxi niet meer hoeft te betalen op weg naar de ziekenhuizen. Een huisarts in de buurt regelen. Nog anderhalve week en dan zijn we thuis. Kunnen we daar het huis reorganiseren en opnieuw inrichten.

donderdag 16 april 2009

puin puin en nog eens een opruimbeurt


Nooit gedacht dat ik echt 5 grofvuilbeurten nodig zou hebben.

Yeahaa

De eerste inspectie voor de woning is geweest en we zijn blij.

Railsen mogen blijven hangen, behang mag blijven zitten. Dat smeurie spul dat nu op de vloer op zolder ligt, mag mooi blijven liggen. Op de trap is het per trede gelijmd en dan ook nog geniet. Dat halen we eraf, het voorbeeld van wat er overblijft heeft de verhuurmakelaar gezien en dat is goed.

Yeaha!

We zijn weer beetje blijer. De taxateurs die we hebben aangeschreven willen de afstand niet rijden. En hier in de stad ken ik geen betrouwbare taxateur. Morgen komt een opkoper. Maandag rijden we de eerste rit naar huis met spullen die we voor ons of voor toekomstig gebruik meenemen. En dan zien we wel wat er overblijft.

De eindopname doen we op de 28e en dan hopen we naar huis te kunnen. We rijden dan op de 28e voor de laatste keer en laten de boel hier dan de boel.  Hopen dat de wind deze week blijft meewaaien.

woensdag 15 april 2009

hoor de wind waait

Nee hoor, natuurlijk werkt het niet. Vloerlijmverwijderaar, afbijt, behangplaksel, niks werkt. Morgen komt de Verhuurmakelaar om ons te vertellen hoe schoon de vloer nou precies moet zijn. Misschien moeten we een schuurmachine gaan huren, misschien laat de meneer het ook wel voor wat het is. Deze woningen worden niet opnieuw verhuurd maar te koop aangeboden, zeggen de buren. Lijkt me in deze tijd niet heel gunstig, maar goed.

Vanmorgen hebben we het 1e myo gedaan. Anderhalf liter water moest je verstouwen en drie blokjes chocolade (je vind beiden helemaal niet lekker). Het radioactieve goedje kon dan in je lijf opgenomen worden in 45 minuten en dan werden we gammafoto’s gemaakt. En morgen doen we de 2e myo. De echografie hebben we al gehad en de totale uitslag krijgen we dan eind van de maand. Ik vind het goed. We hebben nu wel weer wat anders aan het hoofd.

Onze Henkie gaat rijden. We huren een transporter en brengen alvast wat spullen naar G. Aangezien het matras waar we op liggen pas weg kan als wij ook weg gaan, rijden we twee keer.

Zo wordt het nu in een ander deel van Nederland tijdelijk een zooitje en lijkt het hier plots opgeruimder.

Lijm

Bijna alle vloerbedekking die we tot  nu aan toe zijn tegengekomen ligt los of alleen aan de randen vast.

Op zolder ligt vaag zeil met een achtergrond van vezels en dat is vol gelijmd. Muurvast zit die rommel. Haal je zeil van de vloer, dan blijven die haren vastzitten. Het is nu net verdord gras dat op de vloer vastzit.

Afsteken met een plamuurmes wil niet. Afbijt doet niks anders dan ons helemaal high achterlaten. We vonden een tip om het met behanglijm in te smeren. De behanglijm  zou dan een verbinding met de oude lijm aan moeten gaan waardoor we de smeurie die dan ontstaat van de vloer kunnen vegen.

En dat gaan we nu dus proberen.

vrijdag 10 april 2009

Uitruimen, zucht


De heren van de gemeentereiniging moeten ons zo langzamerhand niet meer aardig vinden. Lading nummer 3 staat aan de kant in de ochtend en de stoep staat weer vol.

De taxateur geeft aan dat hij er onvoldoende verdiensten in ziet. Het verkopen loopt niet zoals we zouden willen. We glijden af naar niveau opkoper. Na de Paasdagen gaan we die bellen.

We hebben besloten de secretaire, de kledingkast, de wijnkast, eetkamerstoelen, schildpadschild, wat schilderijen, schoonmaakmiddelen, wasmachine, vriezer, magnetron, en textiel mee te nemen voor gebruik. Voor opslag kunnen we ook nog wat meenemen en de rest zal echt wegmoeten. We zien wel even waar het schip gaat stranden.

Feest

Vandaag wordt mijn partner 50. En als verrassing hebben de kidz en ik afgesproken dat ze naar ons toekomen. Lang weekend logeren. Soort van survival gezien de omstandigheden hier. Gelukkig nemen ze de bakplaat mee zodat we weer wat kunnen bakken. Dat ophaalvoer is best lekker, maar een normaal stukje vlees zou ook welkom zijn. Voor het geld hoef je het hier niet te laten; 5 euro per maaltijd is niet heel veel.

Toen ze vanmorgen heel vroeg bij de ticketmachine van de NS stonden, gaf die aan dat de pinpas geblokkeerd was. Dus op naar de pinautomaat. En, slik, weg was de pas; ingenomen door de automaat.
Paniek ten top, wat nu. Dus mij wakker bellen. Weg verrassing, want nu wil mijn partner weten waar de brand is. En zo snel kan ik geen smoes bedenken.

Dus kijken of mijn baas al aan het werk is, èn of hij me een plezier wil doen om het voor te schieten. En gelukkig is hij er en wil hij voorschieten. Kunnen ze in ieder geval onderweg. Meneer H.L. te G.; mijn dank grenst aan hondsdolheid.


Navraag bij de bank later op de dag leert dat ze hebben gezien dat de pas is gebruik op een automaat waar skimming heeft plaatsgevonden. Er is toen een blokkade op deze pas gezet en tegelijk een nieuwe pas aangevraagd. Daar hadden ze over moeten bellen, maar hebben dat niet gedaan.

Dan gaan ze onderweg en tegen het middaguur zijn ze hier. We tonen wat we hebben gedaan, gevonden en nog moeten. We vieren een beetje de verjaardag en gaan dan op weg naar oma. Even kijken hoe die tegenwoordig in haar vel zit.

Dat velletje trekt aan. Ze is overduidelijk op haar plek en vermaakt zich prima. Druk met haar sociale contacten, de activiteiten en het mooie weer. Ze gaat twee maal in de week naar de kapper en haar haar zit netjes in een krul. Ze is eindelijk uit de huispak-broeken en dat scheelt enorm.

En dan belt de dame van het CIZ. Na uitvoerig beraad, een gesprek met jou en mij, overleg met de huisarts heeft ze een langdurig verblijf indicatie afgegeven.

Dus dubbel feest. En dat hebben we gourmettend gevierd.

maandag 6 april 2009

Wat heb ik nou aan mijn klomp hangen?

Uitruimen in het kwadraat

We zijn toe aan groot vuil beurt 2. De zolder gaat in twee beurten naar buiten. En de vogelkamer gaat in de derde beurt. Ongelofelijk hoeveel puin er uit je huis kan komen. Dit had jaren eerder in gedeeltes gemoeten, dan was het een stuk leuker geweest.

En makkelijker, want bij ieder hoekje waarin ik mijn neus waag, komt er weer iets tevoorschijn dat ik niet ken of had verwacht. Er is zoveel verschillend materiaal… We komen nu bij de hengelsportspullen, we hadden al wat fotografie spullen, maar nu hebben we ook nog een diaprojector, een filmcamera, een bandrecorder anno weet ik niet wanneer.

En overal liggen foto’s, schoonmaakspullen, douche, was, shampoo en noem het maar. Er lijkt geen eind te komen aan de hoeveelheid en verscheidenheid aan spullen.

De medische kant

We hebben de longarts vanmorgen ook gehad. Een longfunctie onderzoek gedaan. En we hoeven ook geen vervolg onderzoek te doen. Het beeld is wel duidelijk. Je hebt long emfyseem in een vergevorderd stadium (COPD , GOLD stadium IV). Je longfunctie is nog maar 24% ten opzichte van leeftijdsgenoten.
Je hebt hierdoor een zéér beperkte actieradius, wat wil je met zulke extreem slechte longen.
Een meting van het bloed in een slagader toont zelfs een verlaagd zuurstofgehalte in je bloed.

De longarts heeft je lichamelijke conditie op het oog al wel geschoten. Ze drukt je op het hart om beter te gaan eten, mogelijk zelfs op doktersvoorschrift proteïnerijke bijvoeding. Ik vertel dat je sinds kort in een zorgwoning verblijft en dus ook pas sinds kort meerdere maaltijden per dag weer krijgt. Het lijkt me beter om dat nog even aan te kijken.

Dan verklap je per ongeluk dat je vals speelt met twee in plaats van drie maaltijden per dag. Je begint pas om half elf te eten. En dan weer om 17.00 uur. En dan heb je me pas echt boos. Ik geef je aan dat ik hemel en aarde beweeg om je nog wat kwaliteit van leven te bezorgen in een veilige en aangename omgeving. Je gaat me dan niet voorliegen en dwarsliggen. Anders kun je letterlijk stikken, dan steek ik geen poot meer uit. Je gaat me nu niet belazeren. Vanaf vandaar ga je drie tot vier keer per dag eten, anders laat ik je de komende maand voeren! Ben je nou helemaal…

Daar schrik je van (en de arts ook een beetje). Schoorvoetend zeg je dat je het nu snapt. Als je lijf gezonder wordt, wordt het krachtiger. Als het krachtiger is kan het je helpen om je leven leuker te maken. Als je longen wat geholpen worden door een krachtiger lijf en medicijnen, dan kun je straks weer veel meer zelf doen. Over vier weken heb je een vervolg afspraak en als het dan niet wat te zien is dat je nu in een eetparadijs woont…. dan kun je echt een boom in.

donderdag 2 april 2009

bbhh

Je hebt het er maar druk mee. Gelukkig pas ik net tussen de bezigheden door.
Ik zou vandaag langskomen met de dvd speler die we meehebben. De dvd van de uitvaart is binnen. Die kun je dan bekijken als je dat wilt.
De reeks van Planet Earth heb ik voor je mee, kun je oefenen met de speler. Knoppen zou je moeten herkennen van de cassette speler en cd speler die je thuis had.

We hebben 65 liter rolcontainers gehaald bij de Blokker. Alle foto, film en dia spullen gaan in zo'n doos in de berging die je hebt. Er zijn ook nog LP's en singles. Daar heb ik echt geen zin en energie voor dus die gaan ook in een doos voor ooit.

Van alle jaren heb je de kaartjes die je ontving bewaard. Kerst, Pasen, verjaardagen etc., het is er allemaal nog. Die gaan ook in de ooit-doos..

In de ochtend had je de was beurt. Verbolgen als je was dat je geholpen werd met haren wassen door de kapster, zo trots vertel je nu dat je hebt gedoucht. Er zit een klapstoel aan de muur en overal zitten steunen, dus ik heb je ervan overtuigd dat je echt niet gaat vallen. En dat heb je dus uitgeprobeerd. Het water heeft je nu eindelijk weer bereikt. En met hulp van de verpleging is zelfs je rug nu schoon. Duizendmaal dank voor de dames op de afdeling!!

In de middag ga je naar de kapster voor de tweede keer deze week. Je hebt een schimmel en die moet met gel en shampoo bestreden worden. En voor 3,50 euro kun je dat iemand anders laten doen. Nu je weet van een tafelgenoot dat ook zij last van die schimmel heeft, ben je helemaal over de schaamte heen. De kapster is geweldig en de shampoo staat ook bij haar op de kast op je te wachten.

Oh en om twee uur moet je weer beneden in de recreatieruimte zijn voor de boodschappen bingo. Prijzen die je kunt winnen zijn zeg maar de dagelijkse boodschapjes (suiker, koekjes, snoepjes etc.).

De verzamelwoede stak weer even de kop op toen ik 20 nieuwe pennen spotte. Je reactie was dat het een aanbieding was en dat die straks op is en dat je veel puzzelt. Kies een boom. Stop daar maar mee. Zo rot heb je het nou ook weer niet dat je bij gelegenheid geen pen kan kopen. Daarnaast lever ik je met liefde de 40 pennen en evenzoveel potloden die in je oude huis liggen.

Ook mag je van mij geen kaarten meer kopen voor verjaardagen, Pasen of wat dan ook. Ik heb hier een halve AH tas vol met die meuk. Stuur die eerst maar weg of gooi ze weg. Kiezen dame!

Maar goed, het is een leerproces. Ik zorg er maar voor dat je kleed-/uitgeefgeld per maand hebt en dat wat er dan nog over is apart gaat voor winterkleding en wat er nog maar meer nodig gaat zijn.

En ondertussen spit ik wel weer door de spullen, op zoek naar nog een headset of radiootje.